donderdag 1 december 2011

Jun

Met een zucht ging ik op mijn schone bed zitten. Ik vouwde mijn handen samen en keek naar de grond. "Waarom zei je niet dat zij het gedaan had?" vroeg Katashi. "Ik wil geen problemen." Antwoordde ik zacht. Katashi kwam naast me op het bed zitten. "Wat is er ooit tussen jullie gebeurd dat dit veroorzaakt?" Ik sloot mijn ogen. Er ging een tinteling door mijn lichaam toen Katashi zijn hand op mijn schouder legde. "Wat is er gebeurd?" Iets in me wilde dat ik dit vertelde, maar ik wilde Katashi hier niet mee lastig vallen. Dit was mijn probleem. "Jun?" Ik haalde diep adem. "Eigenlijk is het iets heel erg doms." zei ik. Dat was het ook. Ik stond op het punt het te gaan vertellen toen ik iemand in de deur opening zag staan. Mijn nekhaar ging overeind staan. Kirino. Ze wierp me een hatelijke blik toe. "Wat ruik ik hier toch? Punch?" Katashi wilde opstaan, maar ik hield hem tegen. "Laat haar maar." Toen Kirino door kreeg dat we haar negeerde liep ze uit zichzelf weg. Ze was er blijkbaar alleen maar geweest om te kijken hoe ik had gereageerd of iets in die richting. Katashi stond op en deed de deur dicht. "Ik begrijp dat kind écht niet" zei hij gefrustreerd. Een golf van woede gleed er over me heen. Ik stond op van het bed en ging de gang op. Ik zag Kirino nog de hoek om gaan. Ik had de neiging om haar kleine gezichtje in elkaar te slaan. Ik had me nog nooit zo boos gevoeld. "Jun?" Katashi was achter me aan gelopen. "Hé Jun?" Katashi greep mijn arm vast. Al mijn woede verdween weer zo snel als het was gekomen en ik draaide me om. Katashi keek me ongerust aan. "Gaat het wel? Je zweet helemaal en je gezicht is bleek." Hij streek mijn pony uit mijn gezicht. "Ik denk dat het verstandig is als je gaat slapen." zei hij zacht. Ik knikte en liet me naar binnen begeleiden. Ik voelde er niet veel voor om me helemaal om te kleden dus ik trok mijn broek uit en mijn blouse. In hemd en ondergoed kroop ik mijn bed in. Katashi stond er een beetje twijfelend bij te kijken. "Katashi, sorry voor alle problemen die ik veroorzaak." Nadat ik dat gezegd had viel ik in slaap.

zondag 30 oktober 2011

Hiro

Nu was ik nog de enige jongen op de meisjeskamer. Hotaru zat op haar bed en keek onderzoekend door de kamer. Natsumi stond onder de douche en Rima had zich omgedraaid in haar bed, zodat ze met haar gezicht naar Hotaru lag. En dus met haar rug naar mij. Ik aarzelde. De meiden stonden duidelijk op het punt om naar bed te gaan, maar ik wilde niet weggaan zonder Rima mijn excuses aangeboden te hebben. Ik wist alleen niet goed hoe ik moest beginnen. "Ehm... Rima?" Het kleine hoopje onder de deken bewoog wat. "Hmm?" deed Rima's hoge stemmetje. "Ik ehm... Ik heb je nogal op de dansvloer laten staan." Rima draaide zich langzaam om onder de dekens. Haar natte haren maakten donkere vlekken op haar witte kussensloop. "Hmm... Ja..." mompelde ze. Ik beet op mijn lip. "Het spijt me." zei ik zachtjes. "Ik zei je dat ik terug zou komen, en dat was ik ook echt van plan, maar..." Op dat moment ging de deur van de badkamer met een klik open. Ik keek automatisch op. Natsumi liep de kamer binnen in een zachte flanellen pyjama met beertjes erop. Ik moest onwillekeurig grinnikte. Natsumi keek belangstellend naar mij en Rima. Hotaru stond op en verdween als laatste in de badkamer. "Maar...?" herhaalde Rima terwijl Natsumi onder haar dekens kroop. "Ik knipperde even met mijn ogen en probeerde me te herinneren wat ik had willen zeggen. "Ehm... Het liep iets anders dan gepland." zei ik langzaam. "Maar dat maakt natuurlijk niets goed. Ik had je niet zo in de steek mogen laten. Het spijt me." Rima knikte en trok de deken wat hoger op. "Het is al goed." zei ze zachtjes. "Ik had toch niet zo'n zin meer om te dansen." Er viel een korte stilte waarin zowel Rima als Natsumi me verwachtingsvol aankeken. Na een paar seconden besefte ik dat ze waarschijnlijk wilden gaan slapen. "Ehm... Ja... Dan ga ik maar. Weltrusten Rima." Ik pauzeerde even en keek naar Natsumi. "Weltrusen Natsumi." "Weltrusten Hiro." zei Natsumi liefjes. "Weltrusten." mompelde Rima. "Truste Hiro!" klonk het uit de badkamer. "Weltrusten!" riep ik grinnikend. En terwijl Natsumi nog zwakjes zwaaide verliet ik de kamer. Voor de gesloten deur aarzelde ik even. Ik kon teruggaan naar mijn eigen kamer, maar ik had nog niet zo'n zin om te gaan slapen. Dus besloot ik om nog eventjes een rondje te lopen en de gebeurtenissen van de afgelopen avond te overdenken.

Dat heeft er uiteraard niets mee te maken dat Jun en Katashi zo nog wat tijd met z'n tweetjes hebben. (A)

Katashi

De sfeer in de kamer was rustig 'gespannen' te noemen. Rima lag met haar rug naar ons toe op haar bed en Hiro leek te bedenken of hij iets moest gaan zeggen. Hotaru was op haar eigen bed gaan zitten. "Ik ga ook maar eens douchen." zei Natsumi na een periode van stilte. Ze verdween in de badkamer. Ik wist eigenlijk niet zo goed wat ik hier nog steeds deed. "Ik ehm.. Ga Jun wel zoeken." mompelde ik dan ook maar en ik liep richting de deur. Ik liep rustig richting onze eigen kamer. De deur stond op een kiertje. Ik duwde hem verder open en was een beetje verbaasd door wat ik zag. De normaal zo witte sprei van Jun's bed was opeens bloedrood en zag er vochtig uit. Eigenlijk was zijn hele bed gewoon smerig. Jun stond voor zijn bed met een briefje in zijn naar beneden hangende handen. Hij keek naar het bed en zijn ogen stonden wazig. Ik liep voorzichtig naar hem toe. Ik had natuurlijk wel een vermoeden wat er gebeurd was, maar ik haalde voorzichtig het briefje uit zijn hand zonder verder iets te zeggen. Slaap lekker, Junichi. Stond erop. Jun's hoofd had zich naar me omgedraaid en hij keek me nu met dezelfde wazige blik aan als waarmee hij net naar het bed had gekeken. Ik stopte mijn vinger even in een plasje van de rode substantie op het bed en rook eraan. Het rook zoet. Ik stopte het in mijn mond. Punch. "Dat mens is echt verdorven." zei ik walgend. Jun zag eruit alsof hij bijna moest overgeven. Ik tilde een beetje onhandig mijn arm op en sloeg hem om zijn schouder heen. Dit was zo mogelijk nog meer awkward dan net met Rima. Ik bleef een tijdje zo staan, maar Jun reageerde nog steeds niet. "Hé.. Gaat het wel?" vroeg ik zachtjes. Jun slikte even en leek zich bij elkaar te schrapen. "Ja hoor." zijn stem trilde een beetje. Er groeide een brok in mijn keel. Ik haalde voorzichtig mijn arm weer van zijn schouder. "Kom. Laten we dit op gaan ruimen." zei ik zachtjes. Ik haalde ergens een plastic zak vandaan en begon de hoezen van het kussen en het dekbed te halen. Dat had niet zo heel veel zin want ze waren zelf ook totaal doorweekt. Uiteindelijk gooide ik alles wat op het bed lag in de zak. Jun had zich uiteindelijk ook bewogen, en dat vond ik een enorme opluchting. Het leek wel alsof hij niet goed was geworden. "Dat mens is echt afschuwelijk." zei ik voor de zoveelste keer in tien minuten. Jun knikte even en keek naar het matras. Tsja. Wat moesten we daar eigenlijk mee doen? Dat was ook helemaal doorweekt en plakkerig. "Laten we naar de conciërgerie gaan." zei ik en ik maakte aanstalten om naar de deur te gaan. Jun bewoog zich niet. Ik legde mijn hand op zijn schouder en leidde hem voorzichtig naar de deur. Zo ging het door tot we bij het hokje van de conciërge waren aangekomen. Ik had de zak met natte, zoete bende bij me. Ik klopte op het raam van het conciërge hokje en deed de deur voorzichtig open. Fujisaki-san zat een bakje koffie te drinken en staarde zoals gewoonlijk nors voor zich uit. "Ja?" werd er geïrriteerd gezegd. Ik deed mijn mond open om te vertellen wat er was gebeurd, maar Jun was me voor. Voor het eerst in het laatste kwartier zei hij iets dat meer dan twee woorden bevatte. "We hadden punch meegenomen naar onze kamer, maar dat hebben we over mijn bed laten vallen. En nu is alles, inclusief matras, nat geworden." zei hij zonder te haperen. Ik keek hem ongelovig aan. Waarom zei hij niet gewoon de waarheid? Met een beetje geluk werd Kirino geschorst, of zelfs van school gestuurd. Fujisaki-san stond lomp op en pakte de zak aan die ik in mijn hand had gehad. Hij deed de zak open en trok zijn neus op. "Stelletje onhandige kleuters." werd er gemompeld. Hij liep het hok uit en we volgden hem maar. Er werden nog wat verwensingen gemompeld terwijl we hem voorgingen naar onze kamer. Een paar minuten later had Jun een nieuw matras en nieuw beddengoed. Fujisaki-san verdween weer en we bleven opnieuw alleen achter in de kamer.

maandag 24 oktober 2011

Rima

Ik had me net op mijn bed gestort toen er alweer op de deur werd geklopt. Schuchter opende ik de deur. Het was Katashi. "Je schoen-" Hij was nog niet klaar met praten maar ik trok hem aan zijn stropdas de kamer in. Ik griste mijn schoenen uit zijn hand. "Je zegt niets over wat er is gebeurd, begrepen?" Het kwam er erg fel uit. Ik liet zijn stropdas los. "Sorry." Ik keek naar de grond. "Ik ga douchen" zonder Katashi verder nog aan te kijken liep ik de badkamer in. Om vervolgens met een rood hoofd weer terug te komen. Ik was mijn pyjama vergeten. Ik beende de badkamer weer in en deed de deur op slot. Ik draaide aan de knop van de douche. Het water stond op extra heet. Langzaam kleedde ik me uit, haalde ik de speldjes uit mijn haren en ging ik onder de douchekop staan. Het hete water gleed langs mijn lichaam. Weer begon ik te huilen. Ik haatte mezelf. Waarom was ik zo'n huil kind. Waarom ging altijd alles mis. Ik sloot mijn ogen in de hoop dat het huilen stopte. Waarom deed het me steeds zo'n pijn om Natsumi met Hiro samen te zien. Waarom kon ik mezelf niet gewoon over hem heen zetten. Toen ik shampoo in mijn haren deed hoorde ik mensen de kamer in komen. "Hé, Katashi? Wat doe jij hier?" Zat die sukkel er nou nogsteeds? Ik meende de stem te herkennen als die van Hotaru. "Waar is Rima?" Natsumi. Ik slikte. Ik moest haar nu niet gaan haten. Dat zou niet goed zijn voor onze band en ik wil haar ook niet haten. Ze is altijd zo opgewekt en aardig. "Douchen." hoorde ik Katashi kortaf zeggen. Het was even stil. Ik had inmiddels het sop uit mijn haren gewassen en ik was mee aan het afdrogen. Met een warme en zachte handdoek ging ik langs mijn benen. Niet veel later trok ik mijn fijne satijnen pyjama aan. Het was een witte broek met zwarte bolletjes. Het jurkje dat ik er overheen droeg had hetzelfde motief maar er stonden ook nog letters op. "The only reason people get lost in thought is because it's unfamiliar territory" stond er. Ik kamde de klitten uit mijn haren en vlocht ze snel in. Ik stak mijn voeten in een paar konijnen sloffen en liep de kamer in. "Hoi" zei ik. Natsumi, Hotaru en Katashi keken op. Er was ook nog iemand anders. Iemand die ik niet had horen binnenkomen tijdens het douchen. Het was Hiro. "Hoi!" reageerde ze in koor. "Waar was je ineens heen?" vroeg Hotaru. "Ik was moe, dus ik ging terug naar onze kamer." antwoordde ik eentonig. Ik sjokte naar mijn bed en kroop onder mijn dekens. Mijn gezicht was nog wel richting de andere zodat ik nog tegen ze zou kunnen praten. "Waarom ben jij nou eigenlijk hier?" vroeg Natsumi nogmaals aan Katashi. Katashi haalde zijn schouders op. "Wat maakt het uit. Jun zal zo meteen wel hierheen komen, hij ging jou zoeken." zei Hotaru. Ze glimlachte.

Hotaru

Nadat ik redelijk lang met Akiyama-sensei had gedansd was ik toch weer buiten adem geraakt. Toen ik even uit ging rusten werd Akiyama-sensei ten dans gevraagd door Ishizuki-san, de jonge vrouw die bij de administratie zat. Akiyama had verontschuldigend gezwaaid toen hij met haar terug de dansvloer op liep. Nu zat ik weer alleen op een bankje en zocht door de zaal, maar ineens kon ik niemand van het groepje meer terugvinden. Fronsend zocht ik naar de knalrode jurk van Natsumi, die zou toch snel op moeten vallen, maar hij was nergens te bekennen. Ook Jun's witte pak was spoorloos, en Rima, Hiro en Katashi zag ik ook nergens. Zouden ze al terug naar de kamers zijn gegaan? Dat hadden ze me toch wel laten weten? Even maakte ik me zorgen. Wat als er iets gebeurd was? Kirino leek wel op oorlogspad te zijn geweest vanavond, maar dat zou toch niet de hele groep hebben weggejaagd? Toen ik verder keek zag ik Sayuri ook nergens. Ik was dus helemaal alleen over. Even overwoog ik om ook maar weer terug naar de kamer te gaan toen ik tot mijn opluchting de grote deuren van de zaal open zag zwaaien. Hiro en Natsumi liepen hand-in-hand naar binnen. Toen ze binnen waren lieten ze elkaars handen snel los en keken zoekend om zich heen. Natsumi vond me als eerste en trok Hiro even zachtjes aan zijn pols om hem mee mijn kant op te loodsen. "Waar is iedereen?" vroeg Natsumi zodra ze binnen gehoorsafstand kwam. Ik haalde mijn schouders op. "Geen idee! Ik was aan het dansen met... iemand, en toen was iedereen ineens weg. Inclusief jullie. Waar waren jullie ineens." Hiro en Natsumi wisselden een schichtige blik uit. "Wij waren even eh..." begon Natsumi onzeker. "Een luchtje scheppen." vulde Hiro aan. Ik knikte grijnzend, maar werd toen snel weer serieus. Hebben jullie Jun of Katashi gezien dan? Of Rima?" Hiro schrok een beetje. "Rima? Waar is Rima?" Ik trok een wenkbrauw op. "Dat weet ik dus ook niet. Verdwenen net als Jun en Katashi." Hiro sloeg zichzelf tegen zijn voorhoofd. "Ik was met Rima aan het dansen." mompelde hij schuldig. "Ik vroeg haar om even te wachten toen ik aan Natsumi ging vragen wat er was... maar ik ben niet echt teruggekomen." Wat er was? Ik volgde hem niet helemaal meer. "Wat was er dan met Natsumi?" vroeg ik terwijl ik van Hiro naar Natsumi keek en weer terug. "Doet er even niet toe." zei Natsumi snel. "Maar nu is Rima dus alleen?" Hiro knikte langzaam. "Als toen wij wegliepem Jun en Katashi ook al weg waren... En jij was aan het dansen... Dan was ze dus alleen over ja... Oh, wat stom van me." Hiro zette zijn hand tegen zijn voorhoofd en keek ernstig naar de grond. Het was duidelijk dat hij zich nogal schuldig voelde. "Jij kon ook niet weten dat iedereen weg was." zei Natsumi sussend. We hadden ondertussen niet in de gaten gehad dat de deur opnieuw open was gevlogen. Nu kwam er een in wit gehulde gestalte onze kant op. "Wat is hier aan de hand?" We keken allemaal op. Jun droeg zijn jasje niet meer, keek niet zo vrolijk, en zijn haar zat in de war. "Wat is er met jou gebeurd?!" vroeg Natsumi geschrokken. Jun wuifde haar vraag weg. "Kirino." zei hij kortaf, duidelijk niet van plan om het verder nog uit te leggen. "Waar is Katashi?" vroeg hij toen. Hij keek om zich heen. "En Rima." voegde hij er snel aan toe. "Dat vragen wij ons dus ook af." zei Hiro in gedachten verzonken. Jun zuchtte. "Hij zal toch niet terug naar de kamer zijn gegaan hè?" vroeg hij bezorgd. "Ik was nog helemaal niet uitgedanst." "Wat doen we nu dan?" vroeg ik terwijl ik de groep rondkeek. "Gaan we ze zoeken?" Er werd instemmend geknikt. "Ik had het toch wel een beetje gehad eigenlijk." zei Hiro met een verontschuldigende blik op Natsumi. Natsumi knikte begrijpend. "Dan gaan wij wel naar onze kamer, daar zal Rima waarschijnlijk ook zijn." Jun knikte. "Dan gaan Hiro en ik naar onze kamer, want ik durf ook te wedden dat we Katashi daar vinden." Hiro schudde zijn hoofd. "Nee, ik wil even zien of Rima oké is. Het is waarschijnlijk mijn schuld dat ze is weggelopen, en ik wil mijn excuses aanbieden dat ik haar op de dansvloer heb laten staan." Jun knikte langzaam. "Oké... Dan ga ik dus in mijn eentje op zoek naar Katashi." "Laten we gaan dan." zei ik, en ik stond moeizaam op. Zwijgend liepen we met zijn allen de zaal uit, op weg naar de brede stenen trap die naar de slaapkamers leidde.

Katashi

Na nog een paar minuten op Jun gewacht te hebben, besloot ik toch maar naar de kamer te gaan. Hij leek zich wel te vermaken met al die meisjes. Ik wurmde me langs alle dansende mensen heen, en kwam uiteindelijk bij de grote deur. De gang was zo'n beetje leeg. Pfieuw. Dat was beter. Ik had dit veel eerder moeten doen. Met mijn handen in mijn zakken liep ik naar de trap. Opeens hoorde ik een geluid. Het leek wel alsof er een kat aan het miauwen was, maar dat kon natuurlijk niet. Huisdieren waren verboden op school. Ik haalde een wenkbrauw op en liep verder. De trap was nu in beeld. Er lag iets op, wat het geluid maakte. Het leek op een stoffen pakketje. Het lag helemaal slap op de trap. Ik liep er maar naartoe, want ik moest die kant toch op. Toen ik dichterbij kwam herkende ik het stoffen pakketje. Het was Rima. En ze huilde. Shit. Ik keek snel even naar links, en toen naar rechts, en liep voorzichtig naar haar toe. Ik ging voor haar op mijn hurken zitten. Aarzelend stak ik mijn hand naar haar op. Wat moest ik hier nou mee? Ik was hier helemaal niet goed in. Je had hier eigenlijk Hotaru voor nodig. Of Natsumi. Of Hiro. Of Jun. Wie dan ook. Maar niet mij. Ik legde mijn hand toch maar voorzichtig op haar schouder. "Hé, wat is er gebeurd?" mompelde ik ongemakkelijk. Rima's gezicht kwam omhoog. Het gebied rond haar ogen was helemaal zwart van de mascara. De tranen rolden over haar wangen. Ik slikte. "Fujimoto-kun!" zei ze verbaasd, met een paar snikken. Opeens kwam haar volle gewicht tegen mijn borst. Ik moest echt moeite doen om niet van de trap te vallen. Ik hield mijn handen achter haar rug onhandig omhoog. Ik klopte met een ervan op haar rug. "Ik heb geen idee wat er aan de hand is, maar het komt vast weer goed." zei een geforceerd geluid dat totaal niet op mijn stem leek. Had ik dat maar niet gezegd. Rima begon nog harder te huilen. Ik haalde diep adem en ging wat gemakkelijker op de trap zitten, voor zover dat mogelijk was want Rima hing nog steeds aan me. Waarom? Waarom moest ik haar troosten? Ze zag er wel ontzettend verdrietig uit. Ik wreef houterig over haar rug. Haar opgestoken haren kwamen zo'n beetje in mijn mond terecht. Na een tijdje werd het gesnik minder. Ik haalde opgelucht adem. Rima keek omhoog, en de awkwardheid van de situatie bleek opeens tot haar door te dringen. "Bedankt, Fujimoto-kun." piepte ze, en ze stond op en begon de trap op te rennen. "Rima, wacht! Je.." Het was al te laat. Ik pakte Rima's schoenen op en sjokte achter haar aan, de trap op. Dit was echt een avond om nooit meer te vergeten. Alleen niet echt op een positieve manier.

zaterdag 22 oktober 2011

Rima

Als een gedumpte puppy stond ik alleen in het hoekje van de danszaal. Hiro had me gewoon weer gedumpt voor Natsumi. Wat een stom iets. Ik had het kunnen weten, maar dan nog, waarom voelde ik tranen opkomen? Ik snoof even. Het was beter als ik nu gewoon naar mijn kamer terug zou gaan en ging slapen. Of iets dat daar op leek. Ik liep richting de deur die al open stond. "Waar ga je naar toe?" Ik keek schuin over mijn schouder en zag die vervelende jongen van daar net staan. "Wat maakt jou dat uit?" vroeg ik, mijn stem beefde omdat ik tranen tegenhield. "Ik wilde nog met je dansen." zei de jongen. "Ik wil niet" Ik was inmiddels omgedraaid. De jongen leunde met een arm tegen de muur en bekeek me van top tot teen. "Die Hiro hè, volgens mij ziet die jou wel zitten.." zei hij. Hij klakte met zijn tong. Ik voelde hoe mijn wangen rood werden en hoe tegelijkertijd mijn ogen nog natter werden. In mijn hoofd was een tweestrijd begonnen. Verwarring heerste. Mijn knieën knikte. "Ik kon het zien aan de manier waarop hij naar je keek." Ik hoorde mijn hart in mijn oren bonken. "Laat me maar gewoon met rust nu..." Ik wilde weer verder lopen maar de jongen begon weer te praten. "Persoonlijk vind ik jou veel beter bij die stille Nakamura passen. Jullie zagen er heel leuk uit samen toen jullie aan het dansen waren. Iedereen keek naar jullie en ik ben er van overtuigd dat iedereen er net zo over denkt als mij." Zou dat echt waar zijn? "Als ik jou was, zou ik nu naar hem toe gaan en hem vertellen hoe ik me voelde!" zei hij. Waarom klonk dat zo verleidelijk? Waarom zou ik het niet gewoon doen? Wat had ik te verliezen? "Ik zag hem net naar buiten gaan, ga maar gauw!" Spoorde de jongen aan. Als een braaf slaafje deed ik wat me werd opgedragen en liep ik met een snel tempo de zaal uit. Ik proefde iets zouts in mijn mond, ik besefte nu pas dat ik al een tijdje aan het huilen was. Ik wreef mijn wangen droog. Tijdens mijn weg naar buiten kwam ik Jun nog tegen. Hij droeg zijn jasje niet meer en had twee giebelende, blozende meisjes aan zijn armen hangen. Normaal zou ik daar even bij stil hebben gestaan, maar er was nu iets veel belangrijkers! Ik ging iets zeggen dat ik al veel eerder had moeten zeggen! Ik ging Hiro confronteren met mijn gevoelens en dan zouden we nog lang en gelukkig leven. Er was niets dat me in de weg zou staan. Ik stapte naar buiten en zag Hiro al staan. Ik bracht mijn hand naar mijn mond om wat te roepen toen ik Natsumi pas zag staan. Er ging een rilling door mijn hele lijf en mijn adem stokte achter in mijn keel. Hiro en Natsumi stonden in een hele innige knuffel houding. Mijn arm viel slapjes terug naast mijn lichaam. Wat was dit voor een avond? Waarom ging alles mis. Verdwaasd liep ik terug naar binnen. Mijn schouders schokte een beetje, maar het werd al sneller heftiger. Een gesmoorde snik ontsnapte. Ik liet me op de derde traptrede vallen. Ruw deed ik mijn schoenen uit en begon ik te huilen. Ik lag helemaal over de traptrede heen. Het gevoel dat door me heen ging was niet echt te beschrijven. "Hè, wat is er gebeurd?" Een grote warme hand rustte op mijn schouder. Ik keek op en keek recht in Katashi's ogen. Hij zag er redelijk bezorgd uit. "Fujimoto-kun!" Hysterisch wierp ik mezelf tegen zijn borst en begon ik als een baby te huilen. Een beetje awkward en onhandig klopte Katashi op mijn rug. "Ik heb geen idee wat er aan de hand is, maar het komt vast wel weer goed." zei hij zachtjes. Ik begon harder te huilen. Wat was dit vreselijk gênant en raar! Katashi probeerde me te troosten.