maandag 9 januari 2012

Natsumi

Ik voelde me helemaal in mijn nopjes toen we begonnen met spelen. Het was anders dan het origineel, en het was bij lange na niet perfect. Maar het had iets. Eigenlijk voegde het onwennige misschien wel iets toe. De intro was niet lang, en begon al snel te zingen. "All those days, watching from the windows. All those years, outside looking in.." Ik had mijn ogen dicht en voelde de geluidsgolven van de bas en de drums door mijn lichaam. Het voelde geweldig. "Standing here, it's all so clear. I'm where I'm meant to be." Het was allemaal precies zoals ik me voelde. Er kroop een glimlach op mijn gezicht. Ik had de laatste weken zoveel meegemaakt. Zoveel geweldige dingen. Ik had geweldige mensen ontmoet. Mensen die ik nooit meer kwijt wilde. Ik had nog nooit zulke goede vrienden gehad. En hoe lang kenden we elkaar nu? Twee maanden? Veel langer was het niet. De tijd die ik had gehad was bij uitstek de beste van mijn leven geweest. Ik stortte alle gevoelens die ik had in het liedje. Terwijl ik zong, flitsten alle geweldige momenten die ik de afgelopen weken had beleefd door mijn hoofd. Alle bandrepetities. Het winkelen in de stad. Gewoon zitten op het grasveldje. De knuffels. Ons eerste optreden en natuurlijk het geweldige schoolbal. Er waren de hele tijd wel dingen mis gegaan, maar het maakte niet zoveel uit. Als we maar samen waren, konden we het wel oplossen. Daar was ik van overtuigd. Ik was er ook van overtuigd dat het voorbestemd was dat ik Jun, Katashi, Hotaru, Rima en Hiro zou ontmoeten. "And it's warm and real and bright, and the world has somehow shifted." Alles voelde zo goed als ik bij hen was. Van het gezellig met Rima en Hotaru kletsen in onze kamer voor het slapen gaan tot het klieren met Jun in de les. Elk moment was een warm, en schitterend moment. Net zoals alle momenten met Hiro. Als ik Hiro maar vanuit mijn ooghoeken kon zien, dan wist ik dat er niets fout zou kunnen gaan. Ik kon alles aan als hij in de buurt was. Als ik aan hem dacht, bloeiden er tientallen bloemenvelden in mijn hoofd op. Ik opende mijn ogen weer en keek naar Hiro. Hoe hij bij de microfoon stond. Een beetje onwennig. Ook wel een klein beetje zenuwachtig. Hij keek nu terug, en ik voelde hoe mijn liefde voor hem zich als warm water door mijn hele lichaam verspreidde. "All at once, everything looks different. Now that I see you." Sloot ik mijn stuk af. Het was waar. Ik bekeek de wereld heel anders sinds ik Hiro had ontmoet. Alles was anders. Het gras was groener. De lucht was blauwer. De pimpelmeesjes waren pimpelliger. Alles was gewoon perfect. Ik bleef naar Hiro kijken tijdens de solo. Straks begon zijn stuk. Ik stond dichtbij hem en stak mijn hand uit naar de zijne. Toen mijn koude hand zijn warme vingers raakten, keek hij me heel even geschrokken aan. Daarna ontspande zijn gezicht weer. Ik gaf even een klein kneepje in zijn hand en glimlachte. Daarna liet ik weer los. Nu was zijn solo. Hij haalde diep adem. "All those days, chasing down a daydream. All those years, living in a blur. All that time, never truly seeing things the way they were." Mijn adem stokte in mijn keel. Het was dat ik de hele tijd naar Hiro had gekeken terwijl hij zong, maar anders had ik niet geloofd dat het geluid wat ik net had gehoord uit zijn mond kwam. Het was prachtig. Het was echt ontzettend goed. De vlinders in mijn buik waren nog onrustiger heen en weer gaan vliegen als dat ze al deden. Ik had het nog even niet door toen Hiro opeens was gestopt met zingen en achterom keek. Ik keek ook naar achteren. Niemand speelde ondertussen meer. "Rima? Is er iets aan de hand?" vroeg Jun verbaasd. "Nee niets. Ik eh. Tja. Ik dacht dat er een vogel tegen het raam ging vliegen." Ik was best teleurgesteld dat we niet in een keer door hadden kunnen spelen. Het ging allemaal zo goed.. Er ontsnapte een klein zuchtje uit mijn mond en ik richtte me weer op mijn gitaar. Jun stelde voor om het nog een keer te proberen en we begonnen weer van begins af aan.

zaterdag 7 januari 2012

Rima

Een romantisch duet. Waarom was het altijd Natsumi en Hiro. Om mijn woede een beetje af te reageren, plukte ik aan een snaar, het was alleen net iets te hard waardoor deze knapte. "Stik!" Ik liep naar mijn basgitaar tas en haalde daar een pakje met nieuwe snaren uit. De rest negeerde me een beetje omdat Natsumi zojuist haar iPod tevoorschijn had getoverd en iedereen het liedje liet luisteren. Ik begon mijn gesprongen snaar te vervangen en negeerde de andere ook. Dit was weer zo'n moment waarop ik me buitengesloten voelde, al was het vast hun bedoeling niet. Het was vast ook deels mijn eigen schuld. Toen de nieuwe snaar erop lag stemde ik hem bij oor goed en ging ik terug staan. Jun keek in mijn richting en stak zijn duim op. Het liedje was inmiddels afgelopen. Ik keek naar Hiro. Hij staarde serieus naar het papier met de tekst in zijn handen. Een klein zuchtje van verlangen ontsnapte. Rima! Waar ben je mee bezig! Zei ik streng tegen mezelf. Ik sloeg mijn ogen neer. "Oké! Is iedereen er klaar voor!" Natsumi keek iedereen kort aan. "Jun!" Jun stak zijn stokken in de lucht. "1, 2. 1, 2, 3, 4!" riep hij. De versie die wij op papier hadden, was wat rockender dan het origineel. Het klonk nog allemaal wat onwennig en nog niet helemaal goed, maar iedereen deed zijn of haar uiterste best. Dat zag ik toen ik rond keek. Natsumi begon te zingen. Ze klonk werkelijk als een engeltje. Ik vond haar stem fijner om naar te luisteren dan het origineel. Ze zong en speelde het liedje deels met gesloten ogen. Het was overduidelijk dat ze het kende met hart en ziel. Het was ook te horen. Na een instrumentaal stukje begon Hiro. Mijn mond viel letterlijk open en ik was zo verbaasd dat ik was gestopt met spelen. Ik wist niet dat Hiro zo goed kon zingen. Mijn liefde voor hem was zichzelf aan het vermenigvuldigen. Ik staarde nogal naar hem. "Rima? Is er iets aan de hand?" vroeg Jun. De rest was inmiddels ook gestopt. Ik stotterde wat en duwde mijn mond dicht. "Nee niets. Ik eh. Tja. Ik dacht dat er een vogel tegen het raam ging vliegen." Ik wees naar buiten en draaide mijn inmiddels rode hoofd weg van de rest. Natsumi zuchtte even. "Laten we opnieuw beginnen." Opperde Jun. De rest knikte instemmend. Ik kon mezelf wel tegen mijn voorhoofd slaan. Deze keer moest ik door blijven spelen. Jun begon weer af te tellen. Deze keer ging ik Hiro negeren, dan zou het vast goed gaan.

donderdag 5 januari 2012

Hiro

Vol spanning wachtte iedereen af hoe Katashi zou reagereen. Ongerust dacht ik terug aan die keer dat Jun Katashi's brief had afgepakt. Ze leken net een beetje vrienden te worden, en ik hoopte vurig dat dit ze niet weer terug bij af zou brengen. Tot iedereen's verbazing zei Katashi niets. Hij at de aardbei met een uitgestreken gezicht op, en zelfs toen Jun zijn welgemeende excuses aanbood, wuifde Katashi ze onverschillig weg. Ik kon een glimlach niet onderdrukken. Katashi was echt vooruit gegaan in de tijd dat we hem kenden. Het was nog steeds een norse zuurpruim, maar hij was beduidend minder opvliegend, en leek beter dan verwacht in staat om affectieve gevoelens te ontwikkelen. En die had hij wel, dacht ik bij mezelf. Voor ons allemaal, al zou hij dat natuurlijk nooit toegeven. Met nog steeds dezelfde vredige glimlach keek ik hoe de uitgelaten sfeer in de kamer terugkeerde en iedereen weer gemoedelijk kletsten over van alles en nog wat. Voor de zoveelste keer verbaasde ik me erover hoe snel ik me aan deze mensen was gaan hechten, en hoe goed we elkaar hadden leren kennen. Katashi was dan wel van nature humeurig en pessimistisch, toch zou de groep zonder hem niet compleet zijn. Hij voegde iets toe, al kon ik niet zo goed benoemen wat dat dan precies was. Dan hadden we Jun. Hij was in het begin nog wel eens behoorlijk teneergeslagen geweest, en af en toe nog steeds, maar vandaag had hij een goede dag. En op goede dagen was Jun grappig, opgewekt en energiek, en een onmisbare verrijking van de groep. Hotaru zag ik een beetje als de moederfiguur van het geheel. Ookal was ze niet de oudste. Soms deed ze zelfs meer een beetje denken aan een sentimenteel oud omaatje, op een goede manier natuurlijk. Ook kon ze met Natsumi best wel melig doen. Rima hield zich altijd wat meer op de achtergrond. Maar door haar toedoen zaten we nu wel allemaal te genieten van heerlijke chocoladecake. Ze was ook echt het liefige, schattige meisje. Hoewel ze soms verrassend scherpe kantjes had, zoals net toen ze Katashi een tik op zijn hoofd had gegeven. Als vanzelf werd mijn blik vervolgens naar Natsumi toegetrokken. Natsumi. Altijd het stralende middelpunt, maar niet zodat het irritant werd. Natsumi was altijd degene die met gekke ideeën kwam, en met haar onuitputtelijke energie en vrolijkheid neutraliseerde ze Katashi's pessimisme. Ik dacht nog een paar seconden na over Natsumi's sprankelende persoonlijkheid toen ze ineens terugkeek, en ik realiseerde me dat ik misschien wel iets te lang naar haar had gestaard. Snel sloeg ik mijn ogen neer. "Oh trouwens..." zei Natsumi ineens. Haar stem schoot de hoogte in, waardoor iedereen wist dat ze enthousiast over iets ging doen. "Ik heb zó'n geweldige film gezien!" Hotaru leunde geïnteresseerd voorover. "Vertel." Natsumi rechtte haar schouders, zoals ze vaker deed als ze een belangrijke mededeling had. "Tangled." zei ze toen gewichtig. Ze keek de groep rond en wachtte de reactie af. Ik had er persoonlijk nog nooit van gehoord. "Ehm..." begon Katashi. "Is dat niet die ehm... Disneyfilm? Met dat mokkel met belachelijk lang haar enzo... En dat paard die denkt dat het een politiehond is?" "MAXIMUS!" riep Jun opgewonden. Katashi's stoel schoot een halve meter achteruit in reactie op het harde geluid dat Jun zojuist had geproduceerd. "JAAAAAAA!" gilde Natsumi. Katashi liet moedeloos zijn hoofd in zijn handen vallen. Natsumi begon hyperactief op haar stoel te stuiteren. "En er zitten hele mooie liedjes in die film! En ik dacht... Misschien kunnen we die wel spelen... Want misschien heb ik de akkoorden van I See The Light al wel uit mijn hoofd geleerd enzo." Jun knikte enthousiast. "Daar zitten toch niet zoveel drums in. Moet lukken." Hotaru hield haar hoofd een beetje schuin. "Als je me bladmuziek geeft en het liedje laat horen kan ik het vast wel spelen." Ik knikte langzaam. "Ik vind het best." Natsumi trommelde blij op de tafel. "Oké. Dat wordt geweldig." Ze stond op en pakte haar gitaar. Ook de rest van de band stond op en pakte hun instrumenten. Ikzelf haalde mijn viool uit de koffer en legde hem op mijn schouder. Jun stak zijn stokken al in de lucht om af te tikken, toen hij ineens ophield. "Ehm... Natsumi..." begon hij. Natsumi trok nu ook een bedenkelijk gezicht. "Inderdaad..." zei ze nadenkend. "Wat?" vroeg ik nieuwsgierig. Natsumi keek nog moeilijker dan ervoor. "Nou ehm... Het is eigenlijk ehm... Een duet." Ik haalde mijn schouders op. "Nou en? Rima en Hotaru kunnen toch allebei zingen?" Jun kuchte zachtjes. "Ja maar... Het is zeg maar... Ehm... Een romantisch duet." "Tussen een jongen en een meisje, zegmaar." vulde Natsumi aan. Ik knikte langzaam. "Nouja... Jun, jij kent de film." Jun salueerde. Hij schraapte zijn keel en begon te zingen. "All those days..." zong hij, voor hoever je het zingen kon noemen. Er kwam een soort, vals, krakerig geluid uit zijn mond. Natsumi trok een gezicht alsof ze in een punaise was gaan staan. "Ehm... Ik denk niet dat we de drums bij dit liedje kunnen missen, Jun." Hotaru knikte overdreven instemmend. "En je kan echt niet zingen en drummen tegelijk. Dan ga je allemaal fouten maken." Rima zuchtte geërgerd. "Jongens, hij heeft er meer aan als we gewoon eerlijk zijn." Ze wendde zich naar Jun en keek hem ernstig aan. "Wat ze proberen te zeggen is dat je eigenlijk niet kan zingen." Jun leek even gekwetst, maar herstelde zich snel. "Katashi dan!" zei hij hoopvol. Alle ogen werden verwachtingsvol op Katashi gericht. Hij zei niks, maar zijn woeste blik sprak boekdelen. "Of eh... Niet." zei Hotaru snel. "Dan blijft er nog één iemand over." Haar blik verplaatste zich van Katashi naar mij, en de andere blikken volgden al snel. "Maar ik ken de tekst niet!" zei ik met een klein stemmetje, maar ik wist al dat het een verloren strijd was. Ik zou nog met een parachute uit een vliegtuig springen, gekleed in niets anders dan een hartjesonderbroek als Natsumi het me zou vragen. "Oké..." zuchtte ik. "Laat maar horen dat liedje."

Katashi

Ik had echt zo'n hekel aan schoolkampen. De bedden waren hard en de kussens leken niet eens op kussens. Er waren overal beestjes en er kwamen altijd takjes in mijn schoenen als we door het bos moesten lopen. En ik hield niet van zwemmen. Ik haatte zwemmen. En dan van die mensen die aanstellerig gaan doen over zogenaamde 'idyllische' meertjes. Meestal wisten ze zelf niet eens wat idyllisch betekende. En als iemand me in dat meertje zou duwen, zou zijn leven niet langer veilig zijn. En die kleffe, verbrande marshmallows die aan je tanden bleven plakken en die je drie dagen erna nog steeds kon proeven. Er waren ook nog van die idioten die als debiele orang-oetangs van heuvels af gingen rollen. En die zonsondergangen vielen ook altijd tegen. Nee. Ik haatte schoolkampen heel erg. En dan ook nog met zo'n feeks als Kurizawa-sensei. Bah. Het idee van Natsumi zorgde dan weer dat het laatste probleem opgelost werd, al betwijfelde ik ten zeerste of het zou gaan lukken. Maar toch had ik er nog steeds helemaal geen zin in. Ik stak nors het vorkje in mijn cake. "Mogen we nu wel eten?" bromde ik. Rima ging elegant naast me zitten en knikte met haar kleine hoofdje. Ik begon mijn ontevredenheid af te reageren op het arme cakeje. Het was wel lekker. Voordat ik het door had lagen er alleen nog maar kruimels en een paar chocolade snippers op mijn bord. Ik keek naar de overkant van de tafel waar Jun en Natsumi deden alsof de vorkjes met cake vliegtuigen waren en de vorkjes tegen elkaar lieten botsen en motor geluiden maakten. Iets in mijn hoofd zei dat het enorm kinderachtig was en dat ik het helemaal niet leuk moest vinden. Maar op een of andere manier was er iets in mijn hoofd dat zei dat het.. Schattig was.. Ofzo.. Ik wendde mijn blik af en richtte mijn overgebleven agressie nog af op mijn thee. Die nog verrekte heet was ook. Opeens kwam er iets plakkerigs terecht boven mijn linkerwenkbrauw. Het bleef twee seconden hangen en viel toen op mijn spijkerbroek. Het was een aardbei. Het was opeens doodstil in de ruimte. Ik keek op. Ik was niet blij. Iedereen keek me geschrokken aan. Hiro had net een stuk cake in zijn mond willen stoppen, maar het vorkje bleef twee centimeter voor zijn mond hangen. Hotaru slikte hoorbaar een stuk cake door. Rima had haar theekopje aan haar lippen, maar dronk niet meer. Nu keek ik naar Natsumi en Jun. Natsumi had haar hand voor haar mond en probeerde overduidelijk om niet in lachen uit te barsten. Maar haar aardbei lag nog op haar cakeje. Die van Jun was op mysterieuze wijze verdwenen. Hij had zijn vorkje in zijn rechterhand en zijn linkerhand zat in een positie waar duidelijk door werd dat hij net iets had afgeschoten met zijn vorkje. Mijn ogen schoten vuur, maar Jun keek me zo ondeugend aan dat ik niet boos op hem kon blijven. Hij beet zachtjes op zijn lip en ik kon zien dat hij erg probeerde om niet te gaan lachen, maar dat hij het goed in bedwang kon houden. Ik pakte met een uitgestreken gezicht de aardbei op mijn schoot op en stopte hem in mijn mond. Het leek alsof de kamer weer een paar graden warmer werd en iedereen haalde weer normaal adem. "Sorry, Katashi." zei Jun, nu toch wel met een glimlach om zijn mond. Ik maakte een gebaar met mijn hand waaruit bleek dat ik er niet zo'n punt van maakte. Langzamerhand begon iedereen weer te praten en was alles weer normaal.

Jun

Na de les liep ik met Rima en Natsumi naar het muziek lokaal. Bandrepetitie. Rima sloeg af "Ik moet nog even wat halen!" riep ze achterom. Natsumi keek een paar keer nog achterom voordat ze begon te praten. "Weetje, Rima is bijna jarig. Dit is het eerste verjaardagsgeval in onze band! Het moet echt iets spectaculairs worden" zei ze opgewekt. We keken elkaar kort even aan. "We gaan uit een taart springen!" riepen we in koor. "Maar hoe komen we aan zo'n grote taart?" vroeg ik terwijl ik over mijn kin wreef. Natsumi dacht even diep na. "Bestellen bij de bakker natuurlijk." We liepen het muziek lokaal in. "Misschien hebben de andere zo meteen een idee." mompelde ik terwijl ik plaats nam achter mijn drumstel. De deur van het muziek lokaal ging weer open en Rima kwam binnen met de bekende tasjes gevuld met cakejes en thee. Ik keek toe hoe Rima kopjes, schoteltjes en bordjes neerzette met een lichtroze bloemetjesprint. Ze haalde een thermosfles en een theepot uit haar tas. Vervolgens schonk ze de hete thee over in de theepot en haalde ze een gebaksdoos tevoorschijn. Als een professionele taartschepster schepte ze op alles bordjes een stukje heerlijk uitziende cake. Spontaan stapte ik achter mijn drumstel vandaan en nam ik plaats aan tafel. "Itadakimasu~" Ik pakte een vorkje en stond op het punt een hap te gaan nemen toen ik een harde tik met een theelepeltje op mijn linkerhand kreeg. "Afblijven. Je moet wachten tot de andere er zijn." zei ze streng. Ik trok een pruillipje. Rima schudde haar hoofd en ging verder met cakejes opscheppen. De cakejes zagen er verschrikkelijk lekker uit. De chocolade, opgerolde cake, met daartussen in slagroom zag er verrukkelijk uit. De bovenkant van het cakeje was bedekt met chocolade spikkels en een grote, rode aardbei. "Rima, waar haar je het toch altijd vandaag?" vroeg ik. Rima keek om. "Hi~mi~tsu" zei ze met een knipoog en een vinger tegen haar lippen. Dat was best schattig. Ik voelde mijn wangen een beetje verkleuren. Met een hoop herrie ging de deur weer open. "Ik háát schoolkampen! Al helemaal als we met die heks van een Kurizawa-sensei moeten gaan!" gromde Katashi met opeen geklemde kaken. Hiro klopte hem op zijn schouder. Ze namen allebei plaats aan tafel. Katashi keek ongelofelijk nors. "Ah, Katashi, moet je een knuffel" zei ik plagend. "Rot op Jun" Ik lachtte, maar stiekem was ik misschien een heel klein beetje gekwetst. Katashi wilde ook een hap van het cakeje namen, maar Rima was hem te snel af en gaf hem een kleine tik tegen zijn hoofd. "Afblijven!" Natsumi nam plaats tegenover Katashi en keek hem ernstig aan. "Schoolkamp is toch hartstikke leuk!" zei ze. "Niet als je met Kurizawa-sensei gaat" mompelde Katashi. "Maak je maar geen zorgen Katashi, want wij hebben besloten dat we jullie meesmokkelen in onze groep. Kikawa-sensei heeft een hernia en onze nieuwe mentor is... Jun!" Natsumi keek me even aan. Ik knikte en stond op om naar mijn drumstel te rennen. Met mijn stokken begon ik op de snaredrum te roffelen. "Akiyama-sensei!" riep Natsumi enthousiast. Op dat moment kwam Hotaru binnen en ze keek ons geschrokken aan. "Huh? Wat is er met Akiyama-sensei?" vroeg ze met grote ogen.

woensdag 4 januari 2012

Hotaru

Verbaasd keek ik naar de lange, slanke gestalte voor de klas. Akiyama-sensei? Onze nieuwe mentor? Wauw. Dat was een onverwachtse wending! Uit de klas steeg een opgewonden geroezemoes op. Dat was ook wel logisch; Akiyama-sensei was behoorlijk populair. Dat kwam omdat hij nog jong was, veel inlevingsvermogen had en met een aanstekelijk enthousiasme over zijn lesstof vertelde, maar voor mij was een nog een andere reden om blij te zijn met dit nieuws. Sinds onze dans op het bal had ik best wel veel aan Akiyama-sensei gedacht. Niet dat ik er iets achter zocht natuurlijk. Het was maar een dansje, niks bijzonders. En ik had verder echt geen romantische gevoelens ofzo... Ik vond hem gewoon... aardig. Heel aardig... De volgende aankondiging zorgde voor zo mogelijk nog meer opwinding dan deze; het schoolkamp stond voor de deur. "Schoolkampen zijn best leuk." hoorde ik Natsumi achter me zeggen. Ik keek achterom en zag haar dromerig voor zich uit kijken. Grijnzend draaide ik me weer naar Akiyama-sensei, die afwezig aan zijn onderarm krabte terwijl hij naar een A4tje in zijn handen keek. "Dit jaar is de bestemming van het kamp het prachtige ongerepte Edgewood Springs." las hij voor met een ietwat cynische ondertoon. "Lijkt mij gewoon een groep low-budget blokhutjes." mompelde hij, terwijl hij het papier omdraaide zodat de klas het plaatje kon zien. Er ging een onderdrukte giechel door de klas. "Iedere klas slaapt in een eigen hut." ging hij verder. "Iedere hut heeft twee slaapzalen. De jongens en de meisjes slapen dus apart." "Aaah! Wat flauw!" riep Namikawa Mayuki, een meisje met een nogal sletterige reputatie. "We zijn toch geen kleine kinderen meer!?" "Inderdaad." zei Akiyama-sensei droog. "Als dat zo was, was er namelijk geen reden om jullie apart te laten slapen." De mensen in ons hoekje hadden heel andere zorgen. "We slapen apart per klas!" siste Rima gealarmeerd. "En Hiro en Katashi dan?" Jun trok een pruillipje. "Dan ben ik helemaal alleen!" zei hij zielig. Natsumi stak haar hand uit en woelde ermee door zijn blonde haren. "Arm jongetje, aw." zei ze vol medelijden. "Ik zou eerder medelijden hebben met Hiro en Katashi!" zei ik zachtjes. "Die gaan dus met Kurizawa-sensei!" Jun slikte hoorbaar. "Arme Katashi." "Arme Hiro!" wierp Natsumi tegen. Jun hield zijn hoofd een beetje schuin. "Hiro kan Kurizawa wel hebben, hij geeft haar toch nooit een reden om kwaad op hem te worden, maar heb je Katashi ooit horen zwijgen over iets wat hem niet beviel?" Natsumi keek peinzend voor zich uit. "Daar heb je een punt." zei ze ernstig. "En aan een blokhutjesschoolkamp met Kurizawa zal er een hoop zijn dat hem niet bevalt." "Om nog maar te zwijgen van het feit dat Kirino in die klas zit..." zei Jun zachtjes. Iedereen keek even zwijgend voor zich uit terwijl we ons allemaal afvroegen over wie we ons meer zorgen moesten maken; Katashi, of Kurizawa-sensei." "We moeten ze redden." zei Natsumi na een tijdje. "Maar hoe?" Jun schoot in de lach. "Is goed joh. Ik vis mijn Superman-kostuum wel even uit de kast." Natsumi's ogen werden groot. "Dat is eigenlijk best een goed idee!" Jun keek haar verbaasd aan. "Je maakt een grapje toch?" Natsumi schudde haar hoofd. "Niet Superman! Maar als we ze nou vermommen, en ze dan meesmokkelen! Akiyama-sensei kent onze klas toch nog niet zo goed. Het valt hem vast niet op als we twee infiltranten hebben!" Dat was best een goed idee. Ik hoopte alleen dat Akiyama ons niet zou betrappen. Al had ik dan misschien geen bijzondere gevoelens voor hem, ik had ook liever geen ruzie met hem. "Het zou kunnen werken..." zei Jun rustig. "Maar dan wel zonder het Superman kostuum." Voor Natsumi de kans kreeg om daarop te reageren nam Akiyama-sensei het woord weer. "Nou, dan heb ik verder niks meer te zeggen en mogen jullie wat mij betreft gaan. Vergeet op je weg naar buiten niet een folder mee te nemen. Daarin staat alles wat je over het schoolkamp moet weten." Hij wees op een grote stapel boekjes op de hoek van zijn bureau. De leerlingen stonden op en begonnen richting de uitgang van het lokaal te drommen. "Gaan jullie maar vast." zei ik tegen Natsumi en de anderen. "Ik moet even wat gegevens met Akiyama-sensei bespreken. Over als ik ziek wordt op het kamp enzo." Rima knikte begripvol. Ik zuchtte diep. Aan het begin van het schooljaar had ik Kikawa-sensei op de hoogte gebracht van mijn slechte gezondheid en wat er moest gebeuren als ik ziek werd enzo, maar Akiyama-sensei wist dat natuurlijk allemaal nog niet. Niet bepaald het beste gespreksonderwerp dat ik kon bedenken, maar ik had het vermoeden dat een gesprekje hierover met Akiyama-sensei minder onaangenaam zou zijn dan het gesprek dat ik aan het begin van het schooljaar met Kikawa-sensei had gehad.

Natsumi

Ik leunde lui tegen de vensterbank en keek met een schuin oog naar buiten. De zon scheen een beetje dof door de lichte bewolking heen. Een paar verdwaalde zonnestralen schenen op het grasveld en zorgden ervoor dat de belichte velden een fel groene kleur hadden. Een van die zonnestralen scheen precies op mijn gezicht. En hierdoor voelde ik me steeds duffer en slaperiger worden. Tot ik opeens een harde punt in mijn wang voelde. Het projectiel dat dit had veroorzaakt viel op mijn schouder en daarna op mijn schoot. Mijn vingers pakten het langzaam op en zorgden ervoor dat het binnen mijn blikveld kwam. Het was een vliegtuigje. Een papieren vliegtuigje. Ik keek een beetje duf naar rechts, en zag hoe Jun met een slome grijns, onderuitgezakt op zijn stoel, naar me keek. “Mooi.” Zei ik langzaam, voordat ik het vliegtuigje terug gooide. We zaten naast elkaar te wachten tot onze mentorles eindelijk eens zou beginnen, maar het schoot niet op. De man was nu al zo’n kwartier te laat. Jun had ondertussen een nieuwe hobby gevonden. Hij gooide propjes naar Hotaru’s achterhoofd. Hotaru en Rima zaten namelijk voor ons. Het was inmiddels drie weken geleden dat het bal was geweest, en inmiddels ging alles weer zijn gangetje. En was het nogal saai. Rima zat haar nagels te lakken terwijl ze wachtte. Een zacht roze kleur. De scherpe geur van de nagellak drong mijn neus in en zorgde ervoor dat ik net niet in slaap viel. Kikawa-sensei kwam nooit te laat. Toen ging de deur opeens met een klap open en kwam er iemand binnen met een paar mappen in zijn arm. Ik keek duf naar het bureau en verwachtte dat Kikawa-sensei ieder moment daar kon verschijnen, de mappen op tafel zou leggen en een uitleg zou geven waarom hij te laat was. Maar in plaats daarvan verscheen er een ander gezicht bij het bureau. En wel het gezicht van Akiyama-sensei. Ik knipperde een paar keer met mijn ogen en iets in mijn hoofd zei dat ik nu beter op kon letten. Ik ging wat rechter zitten en leunde met mijn hoofd op mijn handen. “Zo. Jullie hadden me hier natuurlijk niet verwacht dit uur, maar ik heb niet zulk goed nieuws. Kikawa-sensei lijdt momenteel aan zware hernia en zal waarschijnlijk het hele komende jaar niet op school te zien zijn.” Het was stil in de klas. Iedereen leek dit wel een interessant onderwerp te vinden. "Dat betekent dat jullie een andere mentor moeten hebben. En hiervoor hebben ze mij gevraagd." ging Akiyama-sensei verder. Oké. Dit was zeker interessant. Kikawa-sensei was een prima gozer, maar toch wel een beetje ouderwets en zijn lessen waren vaak saai. Hij gaf wiskunde. Misschien dat, dat er ook wel iets mee te maken had. Maar Akiyama-sensei was een heel ander verhaal. Hij was nog jong, en hij maakte zijn lessen echt interessant. De geschiedenis ging echt leven als hij aan het woord was. "Oké. Dat is een goed iets." zei ik dan ook knikkend. Jun maakte een instemmend geluidje. Rima en Hotaru leken het ook niet echt erg te vinden. Dit zorgt maar voor een paar veranderingen voor jullie. Ten eerste zal ik jullie mentorlessen dus gaan verzorgen en zullen jullie nu naar mij moeten komen als er iets is of als je iets wilt regelen. Ten tweede zal ik ook jullie groep begeleiden bij de uitjes. En daar heb ik ook nog iets over te vertellen. Zoals jullie misschien wel weten staat het jaarlijkse schoolkamp over twee weken gepland." Oké. Dat wist ik nog niet. Ik had de schoolgidsjes allemaal niet zo doorgelezen aan het begin van het jaar. "Schoolkampen zijn best leuk." zei ik goedkeurend. "Jup." zei Jun. Hij draaide met zijn pen tussen zijn vingers. Akiyama-sensei vertelde verder over het kamp en wat we konden verwachten, en mijn blik werd weer door de zonnestralen getrokken. Mijn gedachten dwaalden af naar het toekomstige schoolkamp. Lange boswandelingen. Zwemmen in het idyllische meertje dat natuurlijk aanwezig was. En marshmallows roosteren boven het knetterende kampvuur. Jun die Katashi in het meer duwde, zodat hij erg chagrijnig weer boven water zou komen. Uren lang kletsen met Rima en Hotaru op onze kamer. Rollebollen van heuvels, naar beneden. Lachen. Heel veel lachen. Bij zonsondergang op het strandje zitten en kijken hoe de zon achter de bomen van het bos verdween. Samen. De vlinders in mijn buik kwamen weer tot leven toen ik dacht aan al die dingen. Samen met de band. En samen met Hiro.