zondag 3 juli 2011

Hiro

Onzeker draaide ik wat voor de spiegel en trok aan de onderkant van mijn groene geruite bloes. De knoopjes had ik open gelaten. Ik plukte de kleine knoopjes bij de mouwen open en rolde de mouwen op tot ze tot mijn ellebogen kwamen. Ik voelde me net een meisje. Frunnikend aan mijn kleren voor de spiegel was niet echt iets voor mij. Na een laatste hand door mijn haar haalde ik diep adem en liep naar de badkamerdeur. Ik hoorde de anderen al enthousiast praten. Hotaru en Natsumi voerden het hoogste woord en Jun zei ook af en toe iets. Voorzichtig duwde ik de deur open en stapte de kamer in. "Rima, jij kan." mompelde ik. Er viel een stilte toen de anderen me zagen. Hotaru floot goedkeurend. "Ziet er goed uit." Natsumi stond op en bekeek me kritisch. "Niet slecht." zei ze zuinig, terwijl ze zich voorover boog om mijn kraag goed te doen. Ik deed mijn best niet naar haar te staren en keek de kamer rond. Rima stond lusteloos op, pakte een plasticzak van achter haar bed en liep naar de badkamer. Natsumi zette een stoel voor haar bureau en wees. "Zit." commandeerde ze. Op het bureau stond een grote spiegel en een enorme verzameling potjes spuitbussen. Wat angstig liet ik me op de stoel zakken. "Je overleeft het wel Hiro." zei Jun meelevend. "Ik heb het ook overleefd." Ik keek achterom om Jun beteuterd aan te kijken en zag dat Katashi naar het bureau staarde alsof het hem ieder moment aan kon vallen. "Dat... Meeeeen je niet." zei hij ongelovig terwijl Natsumi een stijltang van het bureau pakte en voelde of hij al warm was. "Hm?"deed Natsumi onschuldig. "Is er een probleem." Katashi keek van de potjes en spuitbussen naar Natsumi en weer terug en schudde heftig met mijn hoofd. "Je gaat NIET aan mijn haar zitten. En dan ook echt NIET." riep hij fel. Natsumi trok een wenkbrauw op. "Waarom dacht je anders dat je naar onze kamer moest komen? Omkleden kan je toch zelf ook wel?" "Je had het over teamspirit!" riep Katashi dramatisch. "Wat is er nou beter voor de teamspirit dan samen tutten!?" riep Hotaru theatraal terwijl ze een knalrode lipstick van het bureau pakte en ermee op Katashi afliep. Ze trok een ietwat psychopatische grijns en begon kakelend te lachen. Katashi keek alsof hij ieder moment moest overgeven. Jun begon te lachen en legde een hand op Katashi's schouder. "Rustig maar, ze doen je heus niet echt make up op. Ze doen alleen wat... spul in je haar enzo." Hij trok zachtjes aan een pluk van zijn eigen blonde haar. "Het was eigenlijk wel rustgevend. "Blijf er nou van af!" riep Hotaru meteen. "Straks moeten we weer helemaal opnieuw beginnen!" Jun trok snel zijn hand weg bij zijn haar en grijnsde naar Katashi, die nog steeds benauwd keek. "Warm genoeg." hoorde ik Natsumi tegen zichzelf zeggen, en enkele seconden later voelde in haar koele vingers door mijn haren gaan. Ik zag mezelf in de spiegel blozen en hoopte dat de rest het niet zag. Natsumi klemde een zwarte pluk haar tussen de stijltang en trok het er langzaam door heen, waarna het warm weer tegen mijn voorhoofd viel. Haar hande gingen opnieuw door mijn haren en deze keer vroeg ik me toch ernstig af of dat ook echt nodig was voor het pakken van de volgende pluk. In de spiegel zag ik Natsumi ingespannen naar haar stijltang kijken. Ze zag er lief uit als ze zo serieus keek. Mijn spiegelbeeld glimlachte onnozel. Katashi kon klagen wat hij wilde, maar ik had eigenlijk helemaal niet zoveel problemen met deze haarstijl-sessie.

Katashi

Timeskip

Dag 16

Het was nu vier dagen nadat ik zwaar dronken was geworden in de stad. Ik kon me niet erg veel meer herinneren van de dingen die ik toen gedaan had, en van de dingen die ik me kon herinneren wist ik van veel dingen dat ze waarschijnlijk niet waar waren omdat ze wel heel erg onrealistisch overkwamen. Ik wist niet wat me bezield had die dag. Ik hield er helemaal niet van om veel te drinken en ik had er ook best spijt van gehad. Die hoofdpijn de volgende dag had het ook niet veel beter gemaakt. Maar vandaag was de dag dat het schoolfestival begon. Iedereen was best zenuwachtig. Vandaag was ons eerste optreden en we hadden de afgelopen dagen nog zo veel mogelijk geprobeerd te oefenen. Ik slenterde een beetje door de school heen. De gangen waren versierd met slingers en spandoeken boven lokalen. Er was een maid-café op de tweede verdieping en ook was er een spookhuis, daar niet ver vandaan. Buiten stonden allemaal kraampjes waar je limonade en koekjes kon halen en ander eten. Het was ook nog mooi weer, en dat hielp al heel wat. Het zag er allemaal erg gezellig uit en ik vermaakte me de hele dag eigenlijk wel prima. Maar nu moest ik iets gaan doen waar ik echt geen zin in had. Ik zuchtte even diep en begon mijn weg naar de meisjes kamer. Natsumi had besloten dat we met z'n allen ons klaar zouden maken voor ons optreden. Dat zou goed zijn voor onze teamspirit, ofzoiets. Het hield in dat de meiden zouden gillen en hysterisch zouden gaan doen over hun haar en make-up en weet ik allemaal wel niet terwijl wij, Jun, Hiro en ik een beetje zaten toe te kijken terwijl we allang klaar waren. En daar had ik niet zoveel zin in. Ik was ook al te laat. We hadden een kwartier geleden afgesproken. Ik probeerde zoveel mogelijk tijd te rekken. Misschien deed ik het ook wel zodat ik dan minder tijd hoefde door te brengen in die belachelijke paarse broek die ze voor me hadden uitgezocht. Zuchtend bleef ik stilstaan voor de beruchte deur. Ik haalde nog eens diep adem en klopte toen op de deur. Ik hoorde geluid uit de kamer komen en voetstappen naar de deur gaan. Waarschijnlijk keek er iemand door het kijkgaatje. 'Wie is het, Hotaru-dono, die voor deze machtige deur staat en onze heilige kamer wil betreden?' zei Natsumi met een stem die paste bij iemand die generaal was van het leger. 'Het is Katashi-sama die onze rust en uiterste concentratie verstoord met zijn verlate komst, Natsumi-dono. Wat moeten met hem doen? Kielhalen? Pijnstoel? Wat denkt u, weledele Jun?' zei Hotaru. Ik zuchtte. Dit gebeurde nou altijd. 'Ik denk dat jullie hem nu gewoon binnen moeten laten omdat hij waarschijnlijk buiten staat met een geërgerd hoofd.' zei Jun. 'Goed plan.' zei Hotaru, en ze deed de deur voor me open. 'Dankjewel.' zei ik zuur terwijl ik over de drempel stapte en de kamer inkeek. Er vielen meteen een paar dingen op. Ten eerste miste Hiro. Die was zich waarschijnlijk aan het omkleden. Verder had iedereen behalve Rima hun outfit al aan. Ik moest echt toegeven dat Jun er erg goed uitzag in zijn outfit. Ze hadden het erg goed voor hem uitgezocht. 'Katashi-sama. Je bent laat. Leg uit.' zei Natsumi met een streng hoofd. 'Ik had een paar problemen met.. Ehm.. Ik moest mijn kleren nog halen.' zei ik snel. Oké. Stom smoesje want ik had die kleren niet bij me. 'Maar ik kon ze niet vinden.' 'Ja, logisch dat je die niet vinden want Jun en Hiro hadden die al meegenomen aangezien je daar ookal te laat was. Maar goed. Ik vergeef het je voor deze ene keer. Alleen maar omdat we niet zonder iemand kunnen die key-board kan spelen.' zei Natsumi met een grijns. Ik reageerde er verder niet op. Rima zat een beetje alleen op haar bed en keek naar haar kleding. Ze zag er niet erg vrolijk uit. Hotaru sprong daarentegen door de kamer alsof ze een gestoorde teletubbie was en zodra Natsumi de kans zag, begon ook zij enthousiast mee te doen. Ondertussen zongen ze een paar liedjes. Ik ging naast Jun op het bed zitten en keek hem aan. 'Gaat het al de hele tijd zo?' zei ik nadat ik een blik op Natsumi en Hotaru had geworpen. 'Ja. Sinds dat ik hier ben al.' zei Jun met een grote grijns. Ik kon het niet helpen ook even te glimlachen. Toen greep Jun naar een tas achter zich en haalde mijn hoedje eruit. Hij zette het op mijn hoofd en keek me lachend toe. 'Zo.' zei hij met een hoofd dat vrolijkheid en enthousiasme uitstraalde. Ik kon er niets aan doen, maar ik glimlachte alweer.

Rima

Terwijl ik terug liep naar de plek waar Hiro mijn tas had laten vallen keek ik geen enkele keer achter om. Vanbinnen was ik diep gekwetst. Waarom moest Natsumi mijn moment nou verpesten. Ik schopte nijdig tegen een steen aan die op de grond lag. Hij schoot enkele meters vooruit. Ik zag mijn tas liggen. Als hij maar niet open was gevallen! Ik rende er naar toe. Lichtelijk in paniek griste ik mijn tas van de grond en keek ik naar mijn jurkje. Gelukkig. Het was droog gebleven. Langzaam draaide ik me om en keek ik naar de school. Ik had geen zin om terug te gaan. Terug naar mijn kamer, waar Natsumi ontzettend opgewekt zou doen en Hotaru me waarschijnlijk bezorgd ging aankijken. Ik verlangde naar huis, naar mijn kamer, een lekkere manga of een leuke anime. Ineens miste ik mijn verzameling Tamagotchi. De posters van linkshandige bas-gitaristen. Mijn ingelijste foto van mij met Ono Daisuke. Ik zuchtte. Om mijn schouders hing Hiro's vest nog steeds. Ik had nijgingen om hem af te gooien, er op te springen en hem helemaal vuil te maken. Ik wilde rennen tot mijn benen het opgaven. Ik wilde alleen zijn. Ik begon weer te huilen. Er werd een hand op mijn schouder gelegd. Ik keek om en keek in een paar donkerbruine ogen. "Als je hier langer blijft staan, wordt je nog ziek." zei de jongen. "Maakt niets uit" zei ik kortaf en ik wreef mijn tranen weg. "Heeft je vriendje je laten zitten?" de jongen tikte op het vest van Hiro. "Hij is mijn vriendje niet." ik staarde naar de grond. Na wat dringen kreeg de jongen me zo ver dat ik mee naar binnen ging. Hij bracht me helemaal tot aan de kamer. Ik was wat milder geworden ondertussen. De jongen was aardig tegen me. "Arigatou..." "Nakano Ren" "Nakano-kun" zei ik toen ik bij de deur stond. De jongen haalde een fototoestel uit zijn broekzak en knipte een foto van me. "Wat ga je daar mee doen?" vroeg ik hem verbaasd. "In mijn plakboek, ik knip foto's van mensen die ik ontmoet zodat ik ze niet meer vergeet. Hoe zei je ook alweer dat je heette?" "Dat heb ik niet gezegd." mijn stemming was weer omgeslagen. Hoe haalde hij het in zijn hoofd. De deur achter me ging open. "Rima!" het was Hotaru. Verdorie, nu wist hij mijn naam. "Doeg!" ik stapte de kamer in en gooide de deur dicht.

Hiro

Ik kon een glimlach niet onderdrukken toen ik Natsumi op ons af zag rennen. Die was wel heel erg blij om Rima weer te zien. Maar waarom had ze haar paraplu ingeklapt? Zo had ze er toch niets aan? Ik lachte hoofdschuddend, maar viel abrupt stil toen Natsumi uitgleed in een plas modder. Haar gezichtsuitdrukking veranderde van blij naar geschrokken en machteloos zag ik haar dynamische lichaam met een klap op de natte grond terecht komen. Er ging een schok door me heen en ik liet Rima's tas uit mijn handen vallen. "Natsumi!" riep ik, meer tegen mezelf dan tegen haar. Struikelend begon ik te rennen. Natsumi lag roerloos op de grond. Waarom kwam ze nou niet overeind? Mijn hart bonsde in mij keel en ik kreeg het ijskoud. Zodra ik bij Natsumi aankwam liet ik me op mijn knieën in de modder vallen en greep naar haar hand. Angstig keek ik naar haar gezicht. Natsumi keek wat verbluft naar de lucht. Dikke regendruppels stroomden over haar huid. "Hallo Hiro." zei ze zachtjes terwijl er een klein glimlachje doorbrak op haar gezicht. Ik zuchte opgelucht en begon te lachen. "Hallo Natsumi." lachte ik. Natsumi begon nu zelf ook te lachen en de druk op mijn borst nam af. Ineens stopte ze met lachen en stak haar vrije hand in de lucht. Mijn hart stond bijna stil toen ik haar natte vingers tegen mijn wang aanvoelde. Mijn ogen werden groot en mijn hart ging als een gek tekeer. Mijn blik vloog heen en weer over Natsumi's gezicht. Er hingen regendruppels aan haar wimpers en haar mondhoeken wezen vrolijk omhoog. Haar blauwe ogen priemden in de mijnen. Ik hield mijn adem in. "Natsumi, is alles oké?" klonk ineens een hoog stemmetje, begeleid met soppende, rennende voetstappen. Met een schok kwam ik weer bij positieven. Natsumi liet haar hand snel zakken. Rima hurkte bij Natsumi, die een beetje vertwijfeld knikte. Rima keek even van mij naar Natsumi en beet op haar lip. Toen stak ze haar hand uit naar Natsumi. "Je kunt maar beter overeind komen." zei ze zachtjes. "Anders vat je zeker kou." Ik slikte moeizaam. Waarom had ik daar niet aan gedacht? Natsumi's gezicht vertrok toen ze overeind kwam. "Aah-aaaah!" riep ze terwijl ze naar haar enkel greep. "Wat is er?" vroeg ik geschokt. "Blijf staan." commandeerde Rima terwijl ze Natsumi's broekspijp omhoog schoof en haar sok omlaag. Natsumi's enkel was een beetje gezwollen. "Ik denk dat je hem verzwikt hebt." zei Rima ernstig. "Dat doet even pijn, maar het is over een paar dagen waarschijnlijk wel over." Natsumi knikte langzaam en probeerde een stukje te lopen. Ik keek als verdoofd hoe haar voeten steeds een beetje wegzakten in het natte gras. Ze hinkte behoorlijk en het zag er pijnlijk uit. "Eh... Ik kan je wel... eh." Ik ging naast Natsumi staan en stak mijn arm uit. Natsumi nam het aanbod dankbaar aan en sloeg haar arm om mijn hals. Aarzelend legde ik mijn vingers om haar pols. Haar huid was ongelofelijk zacht. Ik keek even opzij. Haar gezicht was slechts een paar centimeter op afstand van het mijne. "Oh, ik bedenk me ineens," zei Rima, luider dan normaal. "Ik heb mijn tas bij het bushokje laten liggen. Ik ga hem wel even halen." Ik keek om naar Rima. Ík was degene die haar tas uit mijn handen had laten vallen. Ik voelde een vlaag van schuldgevoel. "Rima... Moet ik hem even halen? Ik heb hem laten vallen dus het is eigenlijk mijn schuld." Rima schudde haar hoofd. "Zorg jij nou maar dat Natsumi veilig binnen komt en iets droogs aandoet. Ze loopt al veel te lang in natte kleren rond." Ik fronsde even. "Net zo lang als jij." Rima glimlachte eventjes, maar draaide zich toen om. "Wacht!" riep Natsumi, en ze wees naar de ingeklapte paraplu die nog steeds verwaarloosd op de grond lag. "Neem dan ten minste die paraplu!" Rima knikte. Haar uitdrukking had iets ontzettend triests en ik voelde me een beetje ongerust. "Weet je zeker dat we niet op je moeten wachten?" vroeg ik nog toen Rima al weg begon te lopen. "Ga nou maar gewoon." Haar stem klonk instabiel. Natsumi keek me even aan. Ik onderdrukte een snak naar adem en voelde mijn wangen gloeien. Stuntelend begonnen we ons richting school te begeven. Het grootste deel van de wandeling zeiden we niks. Ik wist dat Natsumi zich ook zorgen maakte over Rima, maar ik durfde er niks van te zeggen. Daarnaast was ik me ontzettend bewust van de warmte van Natsumi's arm over mijn schouders. Voordat ik Natsumi aanraakte was ik door en door koud door de regen, maar om de één of andere reden had ik het nu helemaal niet koud meer. Natsumi rilde wel. Ergens wenste ik dat ik mijn vest niet aan Rima had gegeven, zodat ik hem nu aan Natsumi kon geven, maar ik verwierp die gedachten meteen. Rima moest nu nog dat stuk door de regen lopen, en Natsumi droeg sowieso al een warm vest, ookal was ook die nu doorweekt.
Ik keek naar de grond om Natsumi's blik te ontwijken. Als ik haar nu aan zou kijken wist ik niet of ik mijn blik nog zou kunnen losscheuren van haar gezicht dat zo dichtbij was. Dus keek ik maar naar onze voeten die door het natte gras sopten. Met een glimlachje besefte ik me dat onze stappen precies gelijk opgingen. Natsumi zag het ook, en grinnikte even. Toen bereikten we eindelijk het tegelpad naar de poort van de school. We lieten een spoor van modder achter in de gang en ik hoopte vurig dat we de concierge niet tegen het lijf zouden lopen. Glibberend over de gladde vloer loodsde ik Natsumi naar haar kamer en klopte op de deur. Hotaru deed open. Ze droeg een schoon T-shirt, een zwart vest en een grijze joggingbroek. Haar nog natte, rode haren zaten in een slordige knot boven op haar hoofd. Het was duidelijk te zien dat ze al gedoucht had. Ze schrok een beetje bij het zien van onze modderige kleren. "Wat zien jullie eruit! Hebben jullie eerst nog een moddergevecht gehouden ofzo?" Ik schraapte mijn keel. "Natsumi gleed uit. Ze heeft haar enkel verzwikt ofzo." Hotaru knikte langzaam en keek me achterdochtig aan. "Maar waarom zit er dan modder op je wang?" Ik wierp een schuldige blik op Natsumi die snel haar modderige vingers aan haar trui afveegde. Hotaru grinnikte even en probeerde toen om ons heen te kijken. "Waar is Rima?" Haar gezicht stond bezorgd. Ik sloeg mijn ogen neer. "Haar tas lag nog bij de bushalte. Ik wilde hem nog gaan halen, maar ze stond erop dat wij vast naar binnen zouden gaan." Ineens had ik spijt dat we niet op haar hadden gewacht, maar aan de andere kant had ik de tocht van de bushalte naar school met Natsumi niet willen missen. Hotaru stak haar arm uit naar Natsumi. "Lief dat je haar hebt ondersteund, maar ik neem het hier wel van je over." zei ze vriendelijk. Natsumi leek even te aarzelen voordat ze me losliet en naar Hotaru toe hinkte. Mijn schouders voelden ineens weer ijskoud. "Oké... Dan ga ik zelf ook maar even... douchen enzo." mompelde ik tegen mezelf. Nasumi keek me met een zwak glimlachje aan. "Bedankt voor je hulp, Hiro." zei ze toen. Het klonk een stuk zachter en gevoeliger dan hoe Natsumi meestal sprak. "Geen probleem." zei ik zachtjes. Het kwam er nogal onnozel uit. Toen hinkte Natsumi weer naar me toe en sloeg haar armen om me heen. Ik schrok even, maar omhelsde haar toen. Natuurlijk, bedacht ik me, een beetje teleurgesteld. Natsumi is zo iemand die iedereen knuffelt. Ik legde mijn hand even op haar natte haren en liet haar toen snel los, voordat ze een verkeerd beeld zou krijgen. Hotaru grijnsde plagerig en duwde me de deur uit. "Douchen jij. Ik wil niet dat de hele band ziek is op het schoolfestival." Ik stapte gehoorzaam achteruit en keek hoe Natsumi's gezicht achter de houten deur verdween. Ik bleef nog even verward naar de dichte deur staan kijken, voor ik op weg ging naar mijn eigen kamer. Ik liet haar eerder los om haar geen verkeerd beeld te geven. Maar was dat beeld eigenlijk wel zo verkeerd?

Natsumi

Ik had ondertussen een extra warme trui gepakt om toch nog een beetje op te warmen terwijl ik naast mijn jurk op het bed zat en wachtte. Hotaru was zich ondertussen om gaan kleden. Ik had mijn mobiel losjes in mijn hand vast. Ik hield niet van wachtten. Als je ergens op moest wachtten, leek de tijd altijd veel en veel langzamer te gaan. Waarom wilde ik Hiro en Rima eigenlijk zo hysterisch graag ophalen? Op het moment dat ik me dat af begon te vragen, begon er iets in mijn hand te trillen. Ik had nog nooit zo snel mijn telefoon opgenomen. 'Hiro?!' riep ik een beetje hard door de telefoon heen. 'Natsumi?' hoorde ik iemand aarzelend zeggen. 'Oh.. papa. Hi..' mompelde ik een beetje teleurgesteld. Oké. Dit was niet zo handig op dit moment. 'Zeg pap.. Kun je later terugbellen. Ik verwacht een telefoontje.' zei ik. Ik voelde me best wel schuldig. Mijn vader belde een keer in de week om te kijken hoe het met me ging, en vandaag was de dag dat hij standaard belde. Maar ik zou later wel met hem praten. Het was eerst belangrijk dat Hiro belde. 'Ja, natuurlijk. Dan spreek ik je later.' hoorde ik mijn vader zeggen. 'Doe voorzichtig.' voegde hij er nog aan toe. Daarna werd er opgehangen. Ik zuchtte even. Wat moest hij nu wel denken. Toen giechelde ik even. Hotaru kwam de kamer weer in. 'Hiro belde?' gokte ze. Ik begon nu echt te lachen. 'Nee. Mijn vader.' zei ik. 'Je riep Hiro door de telefoon toen je vader belde?' zei Hotaru met een grijns. Net toen ik wilde uitleggen hoe het allemaal gegaan was, trilde mijn telefoon opnieuw. Ik keek er even naar. En nam toen op. 'Ja?' zei ik aarzelend. 'Natsumi?' hoorde ik een bekende stem zeggen. 'Hiro! Ja, Natsumi hier!' zei ik opeens weer enthousiast. Mijn hart maakte een raar sprongetje. 'Ik kom er al aan hoor! Wacht even.' zei ik terwijl ik zo snel mogelijk mijn schoenen aan probeerde te doen, wat eigenlijk dramatisch faalde. 'Natsumi, je hoeft niet persé.. Het regent nog steeds heel hard enzo.. Je moet geen kou vatten.' hoorde ik Hiro zeggen. 'Ach. Dat komt allemaal wel goed. Ik heb toch nog niet gedoucht, dus als ik ziek wordt dan ben ik dat nu waarschijnlijk al.' zei ik terwijl ik opstond en de capuchon van mijn vest alweer over mijn hoofd trok. 'Tot zo Hotaru!' zei ik terwijl ik snel naar de deur liep met de telefoon nog steeds tegen mijn oor gedrukt. 'Wacht even! Neem dan tenminste een paraplu mee!' zei Hotaru snel terwijl ze een paraplu uit de kast haalde en die naar me toe gooide. Ik ving hem handig op en zwaaide nog even voordat ik de deur achter me dicht deed. 'Nou, ik kom er zo aan. Met een paraplu. Houdt dus nog even vol in deze zware, barre omstandigheden. Natsumi komt jullie reddeeeen!' riep ik heldhaftig terwijl ik de telefoon uitdrukte. Ik begon door de school te rennen. Mijn schoenen waren nog een beetje glad en glibberig enzo, dus er waren wel een paar bijna-valpartijen. Toen ik buiten kwam klapte ik de paraplu uit en begon weer te rennen. Dit lukt alleen niet zo goed met een paraplu. Ik keek geërgerd naar het ding en besloot het weer in te klappen. Ik werd nu nog natter dan dat ik al was. Ook viel mijn capuchon van mijn hoofd en werden mijn haren dus weer nat. Het maakte me niet zoveel uit. Ik was er bijna. Ik zag ze al staan in het bushokje. Nog een klein stukje. Nog heeeel even. Ik zwaaide enthousiast en- BAM. Mijn voet gleed weg in het natte gras en ik lag languit op de grond.

Jun

Het was doodstil in de gangen. Iedereen zat waarschijnlijk lekker knus op zijn kamertje, waar ze geen last hadden van de regen. Katashi’s natte kleren plakte tegen de mijne aan. Hij begon een beetje zwaar te worden. Met moeite kreeg ik de deur van onze kamer open. Ik duwde Katashi vooruit. “Kom op kerel, je moet douchen, anders wordt je verkouden en dat moeten we niet hebben met ons eerste optreden.” Zei ik terwijl ik hem richting de badkamer duwde. Eenmaal in de badkamer liet Katashi zich op de wc vallen. Hij keek dromerig voor zich uit. Oké, voortaan kreeg hij geen alcohol meer. Mijn ogen flitste van de dronken Katashi naar de douche en weer terug naar de dronken Katashi. Ik vroeg me af of het hem wel ging lukken. “Jun-kun!” Katashi hikte. “Ik krijg mijn shirt niet over mijn hoofd.” Zei hij en ik zag hem moeilijk doen. Ik zuchtte en liep naar hem toe. Voorzichtig trok ik het shirt over zijn hoofd heen. Katashi begon aan de knoop van zijn broek te frutselen. Vervolgens keek hij me aan met een smekende blik. “Ho gast. Dat gaat me te ver!” stootte ik uit. Hij leek echt hulpeloos. Ach, hij was dronken, morgen wist hij dit niet meer. “Ga overeind staan” beval ik hem. Katashi stond wiebelig op en leunde met zijn handen op mijn schouders. Ik probeerde mijn gedachtes weg te laten stromen en nergens aan te denken terwijl ik Katashi’s broek losmaakte. Verdorie, zijn schoenen. Wat onhandig deed ik zijn schoenen uit. Katashi gooide zijn broek in de wasmand en ik stapte achteruit. Stel je eens voor dat er nu iemand binnenliep. Dan zag hij een dronken, bijna naakte, Katashi en mij. Dat zou een verkeerd beeld scheppen. Ik zag Katashi’s handen naar zijn ondergoed gaan. “Nee! Dat doe je pas als ik weg ben!” zei ik en ik greep zijn handen vast. Katashi wurmde zijn handen uit mijn greep en gaf me vervolgens een stevige knuffel. Het bloed steeg naar mijn hoofd. “Ik zal de douche voor je aan zetten.” Zei ik toen Katashi zijn greep verminderde. Ik liet hem weer op de wc zitten en zette vervolgens de douche aan. “Ik hoop dat dit niet te warm voor je is. Hier staat de shampoo, niet drinken, oké?” Katashi knikte vaag en ik haastte me vervolgens de badkamer uit. Met een hard bonzend hart leunde ik tegen de deur aan. Dit was me echt te ver gegaan.

zaterdag 2 juli 2011

Hotaru

Ik draaide de kraan open en liet het hete water over mijn lichaam stromen. Ik had het behoorlijk koud gehad. Ineens voelde ik hoe moe ik was. Ik rilde en mijn ledematen voelden zwaar. Ik zuchtte; als ik maar niet ziek werd. Ik werd erg snel ziek, en ik had wel lang door de regen gelopen, maar nu kwam dat dus even echt niet uit, met het schoolfestival voor de deur. Ik moest maar gewoon vroeg gaan slapen vanavond. Dat kwam er tegenwoordig ook niet vaak meer van. Rima, Hotaru en ik lagen vaak tot diep in de nacht te kletsen. Wat dat betreft was het misschien niet zo handig dat we een kamer deelden, maar gezellig was het wel. Ik pakte de witte fles kokosshampoo uit het rekje en kneep er wat shampoo uit. Dromerig keek ik naar het schuim dat in het putje bij mijn blote voeten verdween. Mijn leven was er wel een stuk leuker op geworden sinds ik in Pizza Flavoured Cotton Candy zat. Ookal kende ik de anderen nog niet zo lang, het was net alsof we al jaren bevriend waren. Sommigen van ons waren zelfs al verliefd geworden. Ik dacht aan de blozende blikken die Natsumi en Hiro in de winkel hadden uitgewisseld. Arme Rima. Had ik er wel goed aan gedaan om haar aan te moedigen? Maar nu was Hiro haar op gaan halen... Zou dat iets betekenen, of was Hiro gewoon de lieve jongen? Jun had natuurlijk ook zijn handen vol aan Katashi. Ik spoelde de shampoo uit mijn haar en deed nog even al die andere dingen die je onder de douche doet, die ik niet nu hier ga beschrijven omdat dat wel erg expliciet zou worden. Toen draaide ik de kraan uit en pakte de zachte witte handoek die over de rand van het douchehokje hing en wikkelde die om mijn hoofd. Vervolgens trok ik mijn badjas aan en deed de deur van de badkamer open. "Jouw beurt." Natsumi knikte afwezig. Ze zat op haar bed en staarde naar haar mobiel alsof hij ieder moment kon ontploffen. "Misschien wacht ik maar even met douchen." zei ze, zonder haar blik af te wenden van haar mobiel. "Weet je dat zeker?" vroeg ik met opgetrokken wenkbrauwen. Natsumi's wangen waren rood en haar blonde haren zat in natte slierten tegen haar gezicht aangeplakt. "Straks belt Hiro als ik onder de douche sta!" zei ze, op een toon alsof dat het einde van de wereld zou zijn. "En bovendien, als ik ze straks op ga halen bij de bushalte wordt ik toch weer helemaal nat." Daar zat wat in. Ik haalde mijn schouders op en trok mijn la open om droge kleren te pakken.