dinsdag 20 september 2011

Rima

Nog natrillend van de zenuwen en tegelijkertijd hyper van ons optreden stonden we in de coulissen. We waren druk aan het praten over ons eerste optreden. “Hiro’s vioolspel was zo mooi tijdens het stuk dat Natsumi zong!” zei ik opgewekt. Ik keek naar Hiro, maar zijn blik was op Natsumi gericht, die druk tegen Katashi bezig was over zijn toetsenspel. Jun leunde tegen de muur en draaide zijn drumstokken tussen zijn vingers. Hotaru praatte tegen hem en hij moest lachen. Jun was van ons alle de meest niet-zenuwachtige geweest. Hij zag dat ik naar hem keek en grijnsde. In zijn blik zag ik een twinkeling van schuldigheid. Hij had door dat ik het vreselijk vond dat hij mijn otaku-leven had ontdekt. “Tsukiyomi-san, er is hier iemand voor je.” Saitou Tomomi, een laatstejaars en organisator van het schoolfestival, tikte op mijn schouder. Tomomi’s donkerbruine haren waren vandaag gekruld en kwamen tot haar schouders. Ze had een rechte pony en haar bruine, amandelvormige ogen hadden lange, gekrulde wimpers die licht besmeurd waren met een laagje mascara. Tomomi wisselde regelmatig van kapsel. Ze kon goed dansen en zingen had ik gehoord. Ik had haar nog nooit live een performance zien doen, maar morgen bij het schoolbal mocht ze een keer zingen. Tomomi leed me naar de gang. Ik herkende de gedaante die er stond meteen. Nakano Ren. De jongen van gister. Tomomi glimlachte naar me en liep weg. Ik schraapte mijn keel en Ren draaide zich om. Meteen knipte hij een foto van me. Ik knipperde het vervelende vlekje uit mijn ogen weg van de felle flits. “Jullie optreden was super! Bij dezen ben ik fan nummer 1 van Pizza Flavoured Cotton Candy!” zei hij opgewekt. “Dan ben je niet de enige” zei ik droog. Waarom nam hij foto’s als hij me zag? Waarom moest hij me spreken? “Nou, waarom moest je me spreken?” vroeg ik. Het kwam er killer uit dan de bedoeling was. “Weetje… Ik vroeg me af… Nou eigenlijk zat ik te denken…” Hij begon zenuwachtig te doen. Eigenlijk was het best schattig. “Je gaat het misschien raar vinden omdat we elkaar nog maar een keer hebben gezien…” Ren keek me recht aan. Zijn donkere ogen waren fel. “Heb je al een danspartner voor het schoolfeest!” Ik verstijfde even en begon daarna te lachen. Ren keek gekwetst. Waarom begon ik te lachen, dat was onaardig. “Sorry dat ik lach.” Ik verontschuldigde me met een lichte buiging. “Ik ehm… Ik heb nog niemand, dus oké” bracht ik moeizaam uit. Mijn hoop in Hiro was toch al verloren en misschien werd dit leuk? Al kon ik het me nauwelijks voorstellen. “Tof!” Ren grijnsde breed. “Zou ik eigenlijk mogen weten waarom je net die foto nam? En mag ik hem zien?” vroeg ik. “Ik hou gewoon van fotografie en ja, je mag kijken.” Ren haalde nonchalant zijn schouders op en overhandigde de camera. Nieuwsgierig pakte ik hem aan en bekeek ik de foto. Het was best goed gelukt voor zo’n snelle foto. Ik stond er best goed op, al zeg ik het zelf. Mijn nieuwsgierigheid zorgde ervoor dat ik meer foto’s van hem ging bekijken. Er stonden allemaal verschillende individuen op, ze stonden duidelijk in een volle zaal, maar toch leken ze alleen. De achtergrond leek te verdwijnen. Ze keken allemaal opgewekt. Ik klikte verder terug en zag nu foto’s van ons optreden. Wat zagen we er cool uit! Er zaten ook specifieke foto’s van elk bandlid tussen. Ik keek Ren aan. “Zou ik die bandfoto’s mogen hebben?” vroeg ik. “Natuurlijk, ik stuur dit rolletje morgen op en dan kun je ze volgende week krijgen.” Zei hij. Hij leek het leuk te vinden dat ik zijn foto’s mooi vond. Ik gaf hem zijn camera terug en er viel een korte stilte. “Nou, dan zie ik je morgen wel weer. Wat is je naam eigenlijk? Ik heb alleen je voornaam gehoord.” “Tsukiyomi Rima” zei ik. Ik durfde voorzichtig te glimlachen. “Tot morgen, Tsukiyomi-chan” “Zeg maar Rima, we zijn danspartners niet waar.” Zei ik. Ren lachte. “Tot morgen, Rima-chan!” hij stak zijn hand op en liep weg. Ik ging terug naar de rest van de band, maar ze waren er niet meer. Wat hulpeloos keek ik rond. “Takahashi-senpai!” Ai keek om. “De rest is al terug naar de kamers, ze waren iets te luidruchtig.” Zei ze. “Arigatou!” ik boog en rende weg richting mijn kamer. Ik grijnsde heel erg breed en voelde dat mijn wangen rood waren. Waarom ging er zo’n vrolijk gevoel door mijn lichaam dat niets te maken had met het optreden. Was het dat gevoel dat je krijgt als je een nieuwe vriend hebt gemaakt. Het voelde net zo als toen ik de bandleden voor het eerst had ontmoet. Nakano Ren was zijn naam. Ja, een nieuwe vriend, zo was ik hem nu al gaan beschouwen.

zaterdag 27 augustus 2011

Hotaru

Na wat een eeuwigheid leek ging dat eindelijk het gordijn open. Het felle podiumlicht scheen recht in mijn gezicht, waardoor ik een paar keer met mijn ogen moet knipperen voordat ik iets zag. De zaal zat al behoorlijk vol. Er klonk een twijfelachtig applaus dat nog half voor de vorige act was, half voor ons. Ik voelde mijn hart bonzen in mijn keel. Dit was het dan. Ons moment. Dit was onze kans om te laten zien en vooral te laten horen wie we waren. Ik keek even over mijn schouder. Iedereen zag er geweldig uit. Jun zat even relaxed als altijd onderuitgezakt achter zijn drumstel. Óf hij was totaal niet zenuwachtig, of hij wist het bizar goed te verbergen. Katashi zat nogal ongemakkelijk aan zijn hoedje te trekken en keek voornamelijk naar de grond. Hiro keek wat afwezig naar Natsumi, die neurotisch van het ene been op het andere wipte, en Rima zag nogal bleek en keek naar haar bas. Omdat we begonnen met mijn liedje hadden de anderen op het laatste moment besloten dat ik de inleidingsspeech mocht geven. Waarschijnlijk had dat er ook alles mee te maken dat Natsumi, onze voorzitter die dus eigenlijk deze eer zou moeten hebben nog net niet had zitten hyperventileren van de zenuwen. Als ze ook nog het spits af had moeten bijten was dat waarschijnlijk wel gebeurd. Ik haalde diep adem en schraapte mijn keel. Een door de microfoon versterkte kuch galmde door de zaal. Hier en daar lachte iemand. Ik voelde mijn benen een beetje wiebelig worden. "Ehm... Hoi." mompelde ik voorzichtig. De mensen op de voorste rij keken verwachtingsvol toe. Koortsachtig probeerde ik me te bedenken wat ik moest zeggen. Ik had dit eigenlijk voor moeten bereiden. Ik liet mijn blik over het publiek glijden en zag het hartvormige gezichtje van Sayuri. "Zet hem op, Hotaru!" zei ze geluidloos. Ik glimlachte en keek verder. Opnieuw zag ik een bekend gezicht op de eerste rij, en deze liet mijn hart een heel klein sprongetje maken. Akiyama-sensei ving mijn blik en maakte een V-teken met zijn vingers. Oké, nu moest ik iets zeggen. Ik keek naar de microfoon en knikte lichtjes. "Wij zijn Pizza-Flavoured Cotton Candy." zei ik langzaam. Mijn stem klonk al ietsjes krachtiger. "We begonnen een paar weken geleden als een groep mensen die niets van elkaar wisten, maar een passie deelden voor muziek." Ik keek even achterom en zag dat de anderen me goedkeurend aankeken. Behalve Katashi, die staarde verveeld voor zich uit." Ik glimlachte en ging verder. "In korte tijd hebben we elkaar verrassend goed leren kennen. En hoewel we allemaal nogal verschillend zijn, vullen we elkaar goed aan. Ik gebaarde naar Rima, die rechts van me stond. "Rima, onze schattige en introverte bassiste, Hiro, onze stille, maar bijzonder attente en verstandige violist, Jun, onze opgewekte drummer die altijd in is voor een geintje, Katashi, onze... eh... ontzettend modebewuste toetsenist..." Achter me schoot Jun in de lach. Ook aan Natsumi ontsnapte een onderdrukte giechel. Ik slikte even en keek schuchtig naar Katashi, die me nijdig aankeek. Toen ik naar Natsumi keek verzachtte mijn uitdrukking weer. "En natuurlijk Natsumi, onze excentrieke, creatieve, en altijd stralende gitariste en voorzitter, die onder andere onze fantastische bandnaam heeft bedacht, en naast voorzitter ook de mascotte van onze band is. Zonder haar zouden we hier nooit hebben gestaan, maar dat geldt eigenlijk voor iedereen die hier staat." Mijn stem begon aan stabiliteit te verliezen. Shit. We waren nog niet eens begonnen en ik werd nu al emotioneel. "Oké. Genoeg gepraat." zei ik met trillende stem. "Laten we maar gewoon muziek gaan maken." Ik wilde het eerste akkoord al aanslaan toen Rima haar microfoon greep. "Je vergeet jezelf!" riep ze met een hoog stemmetje. "Oh ja..." Ik kon mezelf wel voor mijn hoofd slaan. Mooie introductie was dit. Dit zou Natsumi toch wel beter hebben gekund? "Nou ja... Ik ben dus Hotaru." zei ik, een stuk zachter dan ik de rest van de introductie had gedaan. "Ik speel normaal cello, maar nu even akoustisch gitaar omdat ik anders niet kan zingen." Er ging een zwak lachje door de zaal. Ik keek achterom naar Jun, die knikte, en vervolgens aftelde met zijn drumstokjes. "1, 2, 3, 4." Natsumi en ik zette de eerste akkoorden van Invisible To You in, en al snel kwamen Rima's bas en Jun's drums erbij. Het klonk een stuk levendiger dan met alleen gitaar, en toen ik begon aan het eerste couplet merkte ik dat mijn stem alweer iets krachtiger was geworden, maar je hoorde de brok in mijn keel nog wel een beetje. Bij het refrein vielen ook Natsumi en Rima in. Ze zongen de harmonieën perfect, en het klonk geweldig bij elkaar. Het tweede couplet zong Rima. Haar stem klonk zoals gewoonlijk verrassend diep, en je zag mensen in het het publiek verbaasd opkijken. Ik maakte oogcontact met Natsumi, die me stralend aankeek. Ze had knalrode wangen en een grijns van oor tot oor. Van haar zenuwen leek niet veel meer over te zijn. Na het tweede refrein kwam de bridge, Natsumi's lead, ondersteund door Hiro's viool. Hiro had het grootste deel van het liedje niet veel gedaan, maar nu was hij dan ook helemaal in zijn element. Natsumi knalde de hoge noten er indrukwekkend uit, en Hiro's vioolspel sloot perfect aan bij haar zang. Het was alsof hij het speciaal voor haar speelde, en alsof zij het speciaal voor hem zong, ook al was het niet zo'n vriendelijk liedje. Spontaan kreeg ik een beetje spijt dat het geen liefdesliedje was. Hiro keek breed grijnzend naar Natsumi, die haar microfoon bijna tegen haar lippen aandrukte. Na het derde refrein kwam de instrumentale solo. Katashi ramde als een bezetene op de toetsen van zijn keyboard, en Rima's vingers vlogen over de snaren van haar bas. Het was geweldig om te zien, iedereen had zoveel plezier! Ik voelde de brok in mijn keel weer opkomen, waardoor het belten in het laatste refrein me zwaarder afging dan normaal. Gelukkig compenseerden Rima en Natsumi daarvoor. Hun gezichten glommen van het zweet. Ik voelde nu tranen prikken in mijn ogen. Wat was ik toch een sentimenteel persoon, maar dit was gewoon zo ontzettend gaaf. De outtro was voor Natsumi en Katashi, nog lichtjes ondersteund door Rima en Jun, en nadat de laatste noot was aangeslagen was het ineens oorverdovend stil. Even dacht ik dat ik het allemaal gedroomd had en net was wakker geworden, maar toen barstte het publiek uit in een ongelofelijk applaus. Mijn mond viel open van het geluid. Het was fantastisch. Mensen grijnsden breed en klapten enthousiast. Sommigen juichten en floten, en een paar mensen waren zelfs opgestaan! Nu kon ik me echt niet meer inhouden. Dikke tranen stroomden over mijn toch al kletsnatte gezicht. "Dankjewel!" snikte ik in de microfoon. Ook Rima en Natsumi bogen voorover om iets in de microfoon te roepen. Ik haalde mijn neus op en keek vol verwondering de zaal in. Wat was dit ongelofelijk gaaf!

maandag 15 augustus 2011

Katashi

Een paar uur later stonden we met z'n allen achter een gordijn. Het was donker en ontzettend vol. Ik voelde me nog steeds niet op mijn gemak in mijn kleren. Het was veel te opvallend. En te strak. En te paars. Ik voelde me er gewoon niet prettig in. Ik stond een stukje verwijderd van de rest die eigenlijk allemaal druk stonden te doen. Behalve Natsumi. Dat verbaasde me eigenlijk best wel. Zij stond ook een stukje van de rest af en zag eruit alsof ze elk moment kon gaan overgeven. Eigenlijk was het best zielig. Ze scheen ontzettende plankenkoorts te hebben. Ze wilde niemand dichter dan twee meter bij zich in de buurt laten. Voor de rest was iedereen nogal druk en hectisch bezig. Alles moest nu nog precies goed in elkaar worden gezet. Hotaru liep constant bij iedereen langs om iets te veranderen om aan de kleding, of om een plukje van hun haar goed in model te brengen. Jun stond bij de hele tijd bij zijn drumstel te controleren of alles wel goed stond en Rima trok de hele tijd plooien van haar jurkje recht. Hiro stond er nogal.. Stil bij. Maar dat was eigenlijk wel te verwachten van Hiro. Ik was zelf ook wel een beetje zenuwachtig. Ik hoopte gewoon dat alles goed zou komen. En dat ze ons.. Nou ja. Eigenlijk hoopte ik gewoon dat ze ons goed zouden vinden. En dat we tenminste niet af zouden gaan. Het zou vast goed komen. Vast wel. Ik keek naar Jun, die bezig was een ding van zijn drumstel recht te zetten. Het hypnotiseerde me een beetje. Ik staarde naar hoe hij bezig was met zijn drumstel en ik vergat de tijd. Opeens werd er iets op mijn hoofd geduwd. 'Je had je hoedje niet op Katashi! Straks was je het nog vergeten!' zei Hotaru gepikeerd. Ik keek haar een beetje verdwaasd aan. 'Oh.. Oh sorry.' zei ik. Ik schudde mijn hoofd even heel lichtjes. Waar was ik toch mee bezig de hele tijd? Ik moest me concentreren op ons optreden! Dat moest ik doen. Ik moest me niet laten afleiden door.. Drumstellen. Ja. Ik wierp weer even een blik op Natsumi, die nu met haar hoofd tegen een grote metalen paal stond en zachtjes tegen zichzelf mompelde. Daar voelde ik me niet echt beter door en ik werd een beetje zenuwachtig als ik naar Hotaru en Rima keek. Hiro keek met een bezorgde blik naar Natsumi. Ik zuchtte en ik besloot maar naar mijn schoenen te kijken. Wat was wachten toch verschrikkelijk. Ik hoorde hoe de zaal begon vol te stromen. Nog ongeveer een kwartier. Een kwartier en dan zouden we spelen. Bij de gedachte daaraan, sprong mijn maag in een pijnlijke knoop. Ik slikte moeizaam en concentreerde me weer op mijn veters. Oké. Nog een kwartier.

zondag 24 juli 2011

Jun

"Het spijt ons Rima" zei ik, ik onderdrukte het ongemakkelijke gevoel dat me vanbinnen op at. Rima had tranen in haar ogen staan en liep naar me toe. Met haar kleine hand greep ze mijn arm vast en trok ze me van mijn bed. Vervolgens duwde ze Katashi van het bed en begon ze razendsnel alle games terug in de tas te stoppen. Ze haalde Mortal Kombat uit het playstation en stopte die ook in de tas. De tas schoof ze netjes terug onder haar bed. Ze rechtte haar rug en ging tegenover ons staan. "Niemand hoeft dit te weten!" zei ze. Ik knikte snel. "Baka" Ik hapte naar adem toen ik een vuist in mijn maag voelde. Rima rende langs me heen en ging de kamer weer uit.

Klein stuk, maar dan kunnen jullie weer verder.

zaterdag 23 juli 2011

Hiro

Geamuseerd keek ik hoe Natsumi een pluk van de roze fluffige substantie trok en het in haar mond stak. Haar vingers hield ze nog lang tegen haar lippen aan, en op de één of andere manier fascineerde het me. Toen ze de suikerige substantie had doorgeslikt nam ze nog een hap. En nog één. Ik was zo gefocust op Natsumi dat ik vergat zelf van de suikerspin te eten. Het maakte me ook eigenlijk niet zoveel uit. Ik hield toch niet van suikerspinnen. Plakkerige zoete troep. Het was veel leuker om Natsumi ervan te zien genieten. Na de zoveelste hap hield Natsumi plotseling op met eten. Ze keek me een beetje verwonderd aan. Er zat wat roze suiker op haar bovenlip. Moest ik er wat van zeggen? Moest ik het er vanaf vegen? Nee, natuurlijk niet. Dat zou raar zijn. Maar ergens wilde ik het wel. Ik vroeg me af hoe haar lippen zouden voelen. Ze zagen er zacht uit... Waar dacht ik aan? Ik klemde mijn kaken op elkaar. Ik moest ophouden met dit soort gedachten. Ik probeerde mijn hoofd leeg te maken en zag dat Natsumi ondertussen nog steeds naar me keek. "Hé." zei ze toen ineens. "Je moet zelf wel eten!" Ze trok een dikke pluk roze fluffigheid van het stokje en stak het in de lucht. "Hier." zei ze, terwijl ze haar hand naar mijn mond bracht en ik me met een schok besefte wat ze van plan was. Moest ik dit toelaten? "Zeg maar aaaaaaah." zei Natsumi onschuldig. De moed zonk me in de schoenen. Ze zocht er overduidelijk niks achter. Natsumi was één en al onschuld. Het voelde bijna als verraad om er zulke gedachten over te hebben. Ik moest haar gewoon als een vriendin benaderen, zoals zij mijn benaderde als een vriend. Die gedachte maakte me een beetje verdrietig. Langzaam opende ik mijn mond en proefde de misselijkmakende zoetheid. Ik voelde het droge zachte spul wegsmelten op mijn tong, maar ik voelde ook nog iets anders... Mijn hele lichaam leek te bevriezen en vervolgens vlam te vatten toen Natsumi's vingers mijn lippen raakten. Ik stond als aan de grond genageld en kon me niet bewegen. Even leek de tijd stil te staan. Dat moest haast wel, want Natsumi bewoon ook niet. Tot ze abrupt haar arm terugtrok en haar blik afwendde. Ze boog haar hoofd en keek naar de grond, zodat ik tegen de bovenkant van haar lange wimpers aankeek. Ik haalde diep adem. Waarom was ze ook zo mooi? Er viel een lange, onaangename stilte, waarvan ik niet wist hoe ik hem moest verbreken. Natsumi zweeg ook, het leek bijna alsof de gebeurtenis haar net zo van haar atuk had gebracht als dat het met mij had gedaan. Maar dat kon bijna niet, toch? Na wat een eeuwigheid leek opende Natsumi eindelijk haar mond om iets te zeggen. Nu komt het, dacht ik. Een droge opmerking van Natsumi zoals ik gewend was. Ze zou de hele situatie weer draaglijk maken door er iets simpels over te zeggen. Ze zou het allemaal relativeren, een grapje ervan maken, erom lachen, en dan zouden we het kunnen vergeten. Dan zou ze bewijzen dat het een ongelukje was, dat het niets betekende. Waarschijnlijk had ze niet eens doorgehad dat haar vingers mijn lippen raakten. Ik verlangde naar die woorden, maar ik was er ook bang voor. Hoe zeer ik mezelf er ook van probeerde te overtuigen dat dit alles voor Natsumi niks voorstelde, ik hoopte stiekem dat het niet waar was. Ik hoopte stiekem dat Natsumi hetzelfde voor mij voelde als ik voor haar. Dat mijn aanwezigheid haar net zo nerveus en onzeker maakte, maar ook net zo warm en gelukkig, en dat zij dezelfde vreemde gedachten had over mij als ik over haar. En dat elke aanraking bij haar net zoveel teweeg bracht als bij mij, maar dat was duidelijk niet het geval. En dat ging ze nu bewijzen, met haar bevrijdende woorden. Hoewel ik achteraf zou moeten toegeven dat haar woorden, of eigenlijk haar woord, niet helemaal was wat ik verwachtte. "Pindakaas."

Pindakaas. Ik had geen idee wat ze daarmee bedoelde. Ik had geen idee hoe ik daarop moest reageren. Ik had geen idee wat ik moest doen of moest zeggen. Mijn hele brein leek de substantie hebben gekregen van het gesmolten suikerige goedje waarvan de smaak nog in mijn mond zat. Ik kon niet meer helder nadenken, en op de meeste vragen die op dat moment in mijn hoofd opkwamen wist ik geen antwoord, maar één ding wist ik wel: Voortaan hield ik van suikerspinnen.

Natsumi

Ondertussen waren Hiro en ik naar buiten gelopen. We hadden elkaars hand nog steeds vast. Ik raakte er toch nog steeds niet aan gewend. Zijn warme vingers bleven erg aanwezig in de mijne. 'Ik heb zin in iets lekkers.' zei ik vrolijk. De gedachten aan het concert dat eraan zat te komen maakten me aan de ene kant ontzettend zenuwachtig, maar aan de andere kant zo hyperactief als ik maar kon worden. 'Nou, er zijn hier allemaal kraampjes met eten. Dus dat moet wel goed komen.' zei Hiro met een glimlachje. Ik knikte enthousiast. We liepen een eindje, tot we uiteindelijk bij een Suikerspin kraampje uit kwamen. 'COTTON CANDY!' gilde ik enthousiast. Verscheidene mensen keken om, maar het maakte me niet uit. 'Dat moeten we eten! Alleen al omdat het symbolisch is voor ons eerste optreden. Kom Hiro-pon!' Ik sleepte Hiro mee naar het kraampje. Toen we er stonden begon ik naar mijn geld te zoeken. Hiro bestelde ondertussen zijn suikerspin al. Ik doorzocht alle zakken van mijn broek en keek zelfs in mijn sokken, maar ik kon geen geld vinden. Ik keek beteuterd op. 'Ik heb geen geld.' zei ik toen ik naar Hiro keek die de grote roze suikerspin al vast had. 'Oh. Wacht even. Misschien heb ik nog iets.' zei Hiro en hij begon met zijn vrije hand in zijn broekzak te voelen, maar kwam tot de conclusie dat hij niet genoeg geld had. 'Dan mag jij hem hebben.' zei hij, en hij stak de suikerspin uit naar mij. 'Oh nee. Jij hebt die suikerspin gekocht. Die ga ik niet opeten. We delen hem wel.' zei ik vastberaden. Hiro's ogen flitsten even naar de suikerspin en toen terug naar mij. Toen glimlachte hij. 'Oké. Goed. Doen we.' zei hij. Ik glimlachte even en plukte toen een stukje van de suikerspin af. Het was zacht en roze en plakkerig en ik stopte het in mijn mond. Het smolt meteen en wat overbleef was een suikerachtige substantie. Ik vond het geweldig. Ik nam nog een hapje en daarna nog een. Maar Hiro had alleen nog maar de suikerspin vastgehouden. 'Hé. Je moet zelf wel eten! Hier.' Ik plukte een stukje van de suikerspin af en bracht het naar Hiro's mond. 'Zeg maar aaaah.' zei ik en ik hield het pluimpje suiker voor zijn lippen. Hiro's mond ging langzaam open en ik stopte het stukje in zijn mond. Mijn vingers raakten zijn lippen en er ging een siddering door mijn hele lichaam. Mijn hand bleef een tijdje hangen bij Hiro's mond, tot ik besefte wat ik eigenlijk aan het doen was. Ik trok mijn hand snel terug en werd vuurrood. Ik keek naar beneden. Ik wilde niet dat Hiro mijn knalrode gezicht zou zien. Mijn hele buik zat vol met kriebelende insecten, zo voelde het tenminste. Ik hoopte vurig dat het niet echt zo zou zijn. Het bleef stil. Erg lang. Zou Hiro boos op me zijn? Ik zou niet weten waarom.. Maar het zou toch kunnen? Dat hij boos op me was? En wat moest ik dan doen? Ik slikte en bleef naar de grond kijken. Ik kon niet tegen de stilte. Ik durfde niks te zeggen, maar er kwam ook niks van Hiro's kant vandaan. Ik voelde een hevige drang om toch iets te zeggen, maar ik wist niet wat het was. Deze stilte moest doorbroken worden. Maar hoe. Ik moest iets zeggen. Ik moest nu iets zeggen. Mijn verontschuldigingen aanbieden.. Sorry zeggen. Ja. Dat moest ik doen. Ik keek omhoog. 'Pindakaas.'

woensdag 20 juli 2011

Rima

Vol verrukking at ik mijn chocolade gebakje op. Het duurde even voor tot me doordrong dat er iemand naar me stond de staren. Ik keek redelijk geïrriteerd op. "Zou ik hier mogen zitten? De rest is bezet en jij zit hier toch alleen" zei het meisje dat naar me stond te storen met een redelijk hoge stem. "Ga je gang" zei ik en ik nam een nieuwe hap van mijn gebakje. Het meisje ging zitten en ik bekeek haar. "Ken ik jou niet ergens van?" vroeg het meisje. Ik haalde mijn schouders op. "Zit jij niet in die band van Hideyoshi-senpai?" "Ja, Pizza flavoured cotton candy" zei ik. Het meisje glimlachte. "Jij bent Tsukiyomi-san, niet?" vroeg ze. Ik knikte. "Ik ben Miyamoto Sayuri" ze boog licht met haar hoofd. Ik glimlachte kort. "Ik ben een vriendin van Hotaru-san. Jullie band is echt heel goed!" Sayuri werd opgewekt. "We hebben vanmiddag ons eerste optreden!" spontaan vond ik haar aardig. "Dat weet ik! Ik vind het zo cool!" zei Sayuri en ze klapte opgewekt met haar handen. We praatte nog een tijdje over de band en veel over Jun. Erg veel over Jun. Uiteindelijk kwam dan toch het moment dat onze bordjes leeg waren, net zoals onze kopjes. "Ik moet nu weg, tot bij het optreden!" zei ik toen ik opstond. Sayuri knikte. Ik stak mijn hand op en liep het café uit. Ik was weer helemaal vrolijk. Bijna huppelend ging ik terug naar mijn kamer. Zonder te kloppen liep ik naar binnen en ik zag Jun en Katashi geschrokken omkijken. Ik sperde mijn ogen wijd open toen ik vecht-scènes van Mortal Kombat op de televisie zag. Met een trillende vinger wees ik naar het tv-scherm. "Hoe kom je daar aan!" piepte ik. Daarna viel mijn oog op een plastic zak met veel meer games. Met wangen werden rood toen ik zag dat er enkele Adult Dating Sim-games naast lagen. "Waarom hebben jullie in mijn spullen zitten neuzen?"